A2.40 - Kantoor en vergaderingen - Oefeningen
Haal je boekOefening 1: Een woord matchen
Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Oefening 2:
Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Interne memo: afspraken voor een kortere vergadering
Vanaf maandag gebruiken we in de een vaste werkwijze. De voorzitter begint op tijd en schrijft korte op de flip-over. Aan het einde is er altijd een duidelijke : we gaan akkoord met het of we gaan niet akkoord. Wie iets wil , doet dat kort en met argument.
Na de vergadering de voorzitter de notities en mailt ze naar het team. Heb je een nodig om iets te bespreken? Stuur dan vooraf het . Zo blijft de vergadering kort en is iedereen beter voorbereid.
-
Welke afspraken helpen volgens de memo om snel akkoord of niet akkoord te gaan met een voorstel, en waarom vind jij dat handig of niet handig?
Oefening 3:
Luistervaardigheid
Instructie: Luister naar de audio en beantwoord de vragen.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
| Waar | Onwaar | |
|---|---|---|
Oefening 4: Werkwoordsvervoegingen
Instructie: Kies de juiste oplossing
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. ___ op tijd in de vergaderzaal, want de vergadering begint om negen uur.
2. ___ dit voorstel als je het ermee eens bent.
3. ___ eerlijk — ik ben het niet eens met deze beslissing.
Oefening 5:
Dialoogbegrip
Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Projectoverleg met printprobleem
Sanne (teamleider): Show Mark, kunnen we in de vergaderzaal beginnen? Ik wil de notities nog even afdrukken, maar de printer doet het niet.
Mark (collega): Show Oh, dat is lastig. Ik merk ook dat hij steeds vastloopt. Zullen we de notities dan op de laptop gebruiken?
Sanne (teamleider): Show Dat is een goed voorstel. Dan vergaderen we alvast en ik maak later een afspraak met IT voor de printer.
Mark (collega): Show Akkoord. Maar dan wil ik wel dat we aan het eind een duidelijke beslissing nemen over de volgende stap in de zaak.
Sanne (teamleider): Show Ja, ik ga daarmee akkoord. We onderhandelen straks nog even over de planning, oke?
Open vragen:
1. Waarom wil Sanne de notities afdrukken?
Oefening 6: Discussievragen
Instructie: Spreken: vertaal en beantwoord
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Nuttige uitdrukkingen:
Ik ben het (niet) eens met … / Zullen we een afspraak maken voor …? / Ik stel voor om …
-
Je hebt morgen een vergadering op je werk. Hoe maak je een afspraak en wat neem je mee naar de vergaderzaal?
__________________________________________________________________________________________________________
-
Tijdens een vergadering doet een collega een voorstel waar je het niet mee eens bent. Wat zeg je en welk alternatief stel je voor?
__________________________________________________________________________________________________________
Oefening 7: Brief schrijven
Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Onderwerp: Korte vergadering vrijdag
Hoi Samira,
Kunnen we vrijdag om 10:00 even vergaderen in vergaderzaal B? Het gaat om de planning van de nieuwe taken. Ik heb een klein voorstel: we bespreken twee punten en nemen aan het einde een beslissing. Wil jij de notities maken? Ik kan ze daarna voor iedereen afdrukken.
Laat je even weten of je akkoord bent?
Groet,
Joris
Onderwerp: Korte vergadering vrijdag
Hoi Samira,
Kunnen we vrijdag om 10:00 even vergaderen in vergaderzaal B? Het gaat om de planning van de nieuwe taken. Ik heb een klein voorstel: we bespreken twee punten en nemen aan het einde een beslissing. Wil jij de notities maken? Ik kan ze daarna voor iedereen afdrukken.
Laat je even weten of je akkoord bent?
Groet,
Joris
Nuttige zinnen:
-
Ik ga akkoord met ... omdat ...
-
Ik ben het niet eens met ...; kunnen we ...?
-
Ik kan ... doen, maar ... lukt niet.