Beschrijf verschillende soorten vakanties en activiteiten.
Bespreek de vervoersmiddelen die worden gebruikt om je reisbestemming te bereiken.
Ken gangbare vakantiebestemmingen in het gastland.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Vakantieplannen in Zoutelande
Een koppel plant een vakantie op Zoutelande want het budget is krap dit jaar.
Grammatica: Werkwoorden met '(om) te', 'laten' en 'aan het'
Bij sommige werkwoorden gebruik je extra vormen zoals 'te', 'laten', 'aan het', 'om te'.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!