Vocabulary (12)

Hallo

Hallo Show

Hello Show

Goedemorgen

Goedemorgen Show

Good morning Show

Goedemiddag

Goedemiddag Show

Good afternoon Show

Goedendag

Goedendag Show

Good day Show

Goedenavond

Goedenavond Show

Good evening Show

Aangenaam

Aangenaam Show

Nice to meet you Show

Leuk je te ontmoeten!

Leuk je te ontmoeten! Show

Nice to meet you! Show

Tot ziens

Tot ziens Show

Goodbye Show

Tot straks

Tot straks Show

See you later Show

Tot morgen

Tot morgen Show

See you tomorrow Show

Zijn

Zijn Show

To be Show

Hebben

Hebben Show

To have Show

Zijn (to be)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) ben
(jij/je) bent
(hij/zij/ze/het) is
(wij/we) zijn
(jullie) zijn
(zij/ze) zijn

Hebben (to have)

Onvoltooid tegenwoordige tijd (OTT)


(ik) heb
(jij/je) hebt
(hij/zij/ze/het) heeft
(wij/we) hebben
(jullie) hebben
(zij/ze) hebben