A1.20 - Boodschappen doen
A1.20 - Boodschappen doen

A1.20 - Boodschappen doen - Spreken

Boodschappen doen


Oefening: Gespreksoefening

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

  1. Beschrijf de items op de boodschappenlijst. (Beschrijf de items op het boodschappenlijstje.)
  2. Vraag de winkelmedewerker naar de locatie van de producten. (Vraag de winkelmedewerker naar de locatie van de producten.)
  3. Betaal voor uw producten bij de kassa. (Betaal voor uw producten bij de kassa.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten

Oefening: Schrijfopdracht (AI+)

Instructie: Schrijf 4 of 5 korte zinnen over uw eigen boodschappen voor het weekend: wat koopt u en waar in de supermarkt vindt u dat? (AI+)

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Nuttige uitdrukkingen:

Ik heb nodig: ... / Ik koop ... in de supermarkt. / Ik zoek ...; waar ligt dat? / Bij de kassa betaal ik contant of met pin.