A1.29.1 - Laat de Stress Los: Een Stap-voor-Stap Ademhaling
Laat de Stress Los: Een Stap-voor-Stap Ademhaling
Oefening 1: Taalonderdompeling
Instructie: Herken de aangegeven woordenschat in de video.
| Woord |
|---|
| Rustig |
| Gestrest |
| Ontspanning |
| Voelen |
| Loslaten |
| Ben je gestrest? Doe dan een kleine ademhalingsoefening. |
| Je wordt rustig en je kunt beter slapen. |
| Ga zitten op een stoel, in bed of op de bank en sluit je ogen. |
| Let op je adem: je ademt in en je ademt uit. |
| Je uitademing is minimaal twee keer zo lang als je inademing. |
| Blijf rustig ademen en blijf zo even zitten. |
| Bij elke uitademing laat je spanning los. |
| Laat je schouders, je borst en je buik zacht worden. |
| Voel de zachtheid in je lichaam en voel de ontspanning. |
Begripsvragen:
-
Wat moet je doen met je ademhaling om rustiger te worden?
(Wat moet je met je ademhaling doen om rustiger te worden?)
-
Waar kun je gaan zitten voor deze oefening? Noem één plek.
(Waar kun je gaan zitten voor deze oefening? Noem één plek.)
-
Wat laat je los bij elke uitademing, en hoe voelt je lichaam daarna?
(Wat laat je los bij elke uitademing en hoe voelt je lichaam daarna?)
Oefening 2: Dialoog
Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.
Fysieke toestanden en sensaties
| 1. | Joost: | Goeiemorgen Floor, hoe gaat het met jou vandaag? |
| 2. | Floor: | Goeiemorgen Joost, ik voel me goed, maar ook best gestrest. |
| 3. | Joost: | De werkdruk is hoog, hè. Ik merk dat ook deze week. |
| 4. | Floor: | Ja, ik doe soms een simpele ademhalingsoefening om te ontspannen. |
| 5. | Joost: | Hoe gaat die precies? Misschien helpt het mij ook. |
| 6. | Floor: | Ik ga rustig zitten, sluit mijn ogen en adem langzaam in. |
| 7. | Joost: | En adem je dan ook langer uit om te ontspannen? |
| 8. | Floor: | Precies, de uitademing is langer en zo laat ik de spanning los. |
| 9. | Joost: | Ik probeer het straks even. Dankjewel alvast. |
1. Wat is jouw opdracht bij deze oefening?
2. Hoe voelt Floor zich vandaag?
Oefening 3: Openingsvragen voor gesprekken
Instructie: Beantwoord de vragen en corrigeer ze met je leraar.
-
U werkt veel en maakt lange dagen. Hoe voelt uw lichaam na een drukke werkdag? Noem twee dingen kort.
__________________________________________________________________________________________________________
-
U bent op kantoor en voelt zich niet goed. Wat zegt u tegen uw collega of uw leidinggevende? Geef een korte zin.
__________________________________________________________________________________________________________
-
U komt thuis en u bent gestrest. Wat doet u om te ontspannen? Noem één of twee dingen kort.
__________________________________________________________________________________________________________
-
U doet één keer per week sport. Hoe voelt uw lichaam tijdens of na het sporten? Beschrijf dit in één of twee korte zinnen.
__________________________________________________________________________________________________________
Oefen deze dialoog met een echte leraar!
Deze dialoog maakt deel uit van ons leermateriaal. Tijdens onze conversatielessen oefen je de situaties met een docent en andere studenten.
- Implementeert ERK-, DELE-examen en Cervantes-richtlijnen
- Ondersteund door de universiteit van Siegen