Oefening 1: Taalonderdompeling
Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.
| Woord |
|---|
| De badkamer |
| De keuken |
| De garage |
| De zolder |
| De slaapkamer |
| De gang |
| De centrale hal |
1. Waar hang je geen rookmelder op?
2. Waarom zijn rookmelders belangrijk?
3. Waar hang je rookmelders in huis?
4. Wat doe je het beste direct na het ophangen van een rookmelder?
Oefening 2: Dialoog
Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.
Christiaan verhuist voor zijn nieuwe baan. Roos, een makelaar, laat hem het huis zien en hij vraagt naar een werkplek en rookmelders.
| 1. | Christiaan: | Hallo, ik ben Christiaan. Ik had een afspraak om het huis te bekijken. |
| 2. | Roos: | Welkom, Christiaan. Goed dat u er bent. We beginnen hier in de gang. |
| 3. | Christiaan: | Mooi. Ik zie dat de woonkamer hiernaast erg ruim is en veel licht krijgt. |
| 4. | Roos: | Klopt. Naast de woonkamer vindt u de keuken en de tuin. |
| 5. | Christiaan: | Fijn. Hoeveel slaapkamers zijn er in dit huis? En is er een werkplek? |
| 6. | Roos: | Er zijn twee slaapkamers boven. Op zolder is er een rustige werkplek. |
| 7. | Christiaan: | Handig. Weet u of er boven al rookmelders hangen? |
| 8. | Roos: | Ja, op elke verdieping hangt er één, behalve in de keuken. |
| 9. | Christiaan: | Oké, duidelijk. Ik vind de indeling beneden prettig. |
| 10. | Roos: | Mooi zo. Laten we dan verdergaan naar boven. |
1. Waar begint Roos met de rondleiding?
2. Waar is de rustige werkplek?