A1.41.2 - Bijwoorden van tijd (nu, dan, morgen...)
Bijwoorden van tijd (nu, dan, morgen...)
Woorden zoals nu, morgen, wanneer of gauw geven aan wanneer iets gebeurt.
- De bijwoorden staan meestal achter het werkwoord.
- Hoelang en wanneer zijn vraagwoorden die zich aan het begin van de zin bevinden.
| Bijwoord | Voorbeeld |
|---|---|
| nu | Ik lees nu een boek. (nu) |
| vandaag | We maken een schilderij vandaag. (vandaag) |
| morgen | Ik ga morgen naar de film. (morgen) |
| dan | We luisteren dan naar muziek. (dan) |
| wanneer | Wanneer luister jij naar muziek? (Wanneer) |
| gauw | Hij komt gauw weer schilderen. (gauw) |
| hoelang | Hoelang speel jij al een instrument? (Hoelang) |
Oefening 1: Bijwoorden van tijd (nu, dan, morgen...)
Instructie: Vul het juiste woord in.
Dan, nu, gauw, Wanneer, vandaag, Morgen, Hoelang
Oefening 2: Meerkeuze
Instructie: Kies het juiste antwoord
1. Ik lees ___ een boek over fotografie in de trein naar mijn werk.
2. We kijken ___ een film over kunst na de Nederlandse les.
3. ___ maak ik thuis een schilderij, want ik heb geen afspraken op kantoor.
4. ___ luister jij elke dag naar muziek als je de foto’s van je vakantie bekijkt?
Oefening 3: Herschrijf de zinnen
Instructie: Herschrijf de zin met het juiste bijwoord van tijd (nu, vandaag, morgen, dan, wanneer, gauw, hoelang).
Pas deze grammatica toe tijdens echte gesprekken!
Deze grammatica-oefeningen maken deel uit van onze conversatiecursussen. Vind een leraar en oefen dit onderwerp tijdens echte gesprekken!
- Implementeert ERK-, DELE-examen en Cervantes-richtlijnen
- Ondersteund door de universiteit van Siegen
Geschreven door
Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage