Lessen

A1.1 - Groeten en afscheid nemen

A1.1 - Groeten en afscheid nemen - Oefeningen

Haal je boek

Oefening 1: Zinnen herschikken

Instructie: Maak correcte zinnen.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Toon antwoorden
1.
ben | ik | Aangenaam. | Anna. | Goedemorgen,
Goedemorgen, ik ben Anna. Aangenaam.
2.
Leuk je | Hallo, ik | te ontmoeten! | ben Marco.
Hallo, ik ben Marco. Leuk je te ontmoeten!
3.
les. | geef vandaag | ben uw | een korte | Goedemiddag, ik | docent. Ik
Goedemiddag, ik ben uw docent. Ik geef vandaag een korte les.
4.
niet. Kunt | u dat | begrijp het | alstublieft herhalen? | Sorry, ik
Sorry, ik begrijp het niet. Kunt u dat alstublieft herhalen?
5.
laat. Ik | huis. Tot | ga naar | morgen! | Het is
Het is laat. Ik ga naar huis. Tot morgen!

Oefening 2: Een woord matchen

Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Goedemorgen, ik ben Lisa. Aangenaam.
Leuk je te ontmoeten! Hoe heet jij?
Ik moet nu naar een afspraak. Tot straks.
Goedenavond, tot ziens en fijne avond.

Oefening 3: Werkwoordsvervoegingen

Instructie: Kies de juiste oplossing

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Ik ben nieuw in de klas. Aangenaam, ik ___ Maria.


2. Goedemorgen. ___ u de nieuwe docent Nederlands?


3. Wij ___ klaar. Tot morgen!


Oefening 4: Dialoogbegrip

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis NL

Audio voorbereiden…

Nieuwe collega op kantoor

Sanne (collega): Show Goedemorgen, ik ben Sanne.

David (nieuwe collega): Show Goedemorgen, ik ben David — aangenaam.

Sanne (collega): Show Leuk je te ontmoeten, David.

David (nieuwe collega): Show Dank je, tot straks Sanne.


Open vragen:

1. Hoe begroet Sanne David en op welk moment van de dag gebeurt dit?

Oefening 5: Reageer op de situatie

Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Je komt 's ochtends op kantoor of in de les. Je ziet je collega of docent voor het eerst die dag. Groet hem/haar op een vriendelijke manier. (Gebruik: goedemorgen, hallo, hoe gaat het)

Goedemorgen,    

Voorbeeld:

Goedemorgen, hoe gaat het?

2. Je loopt aan het eind van de dag naar huis. Je collega of docent staat bij de deur. Neem op een beleefde manier afscheid. (Gebruik: tot morgen, fijne avond, doei)

Tot morgen,    

Voorbeeld:

Tot morgen, fijne avond!

Nederlands leren voor anderstaligen - Complete A1-cursus voor beginners

ISBN 979-13-88253-18-8

Deze app ondersteunt dit boek.

Amazon.nl