A1.32 - Meubilair
Haal je boekBeschrijf het meubilair in je huis.
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.
Nieuwe meubelen kopen na een verhuis.
De letters 'sch', 'ch' en 'g' klinken anders in het Nederlands. Bijvoorbeeld: 'schip', 'licht', 'groot'.
Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.