Oefening 1: Een woord matchen
Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.
Oefening 2: Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
E-mail van HR over feestdagen
Vul de lege plekken in: agenda, Nieuw, Oud, Pinksteren, vakantie, Hemelvaart, Kerstmis, In, Pasen, intranet, feestdagen
(E-mail van HR over feestdagen)
Beste collega,
Hierbij ontvangt u het overzicht van de vrije dagen op kantoor. Met is het bedrijf gesloten op 25 en 26 december. Met en is het kantoor gesloten op 1 januari. april is er ook een vrije dag met : alleen tweede Paasdagis vrij. In mei zijn er twee : op donderdag en op maandag. In deze weken zijn veel mensen op . Maak daarom uw planning op tijd en noteer alles in uw . De data staan ook in de digitale kalender op het .
Met vriendelijke groet,
HR-afdeling
Oefening 3: Luister en beantwoord de vragen
Instructie: Luister naar de audiofragmenten en kies het juiste antwoord op de vragen.
Wat wil Mark doen op Tweede Paasdag?
Wanneer gaat het kantoor weer open na Kerstmis?
Oefening 4: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Wij ___ onze vakantie in juli, want dan is het rustig op het werk.
2. Mijn manager ___ het teamoverleg altijd op maandag na een feestdag.
3. Wanneer ___ jullie de vergadering over de kerstvakantie?
Oefening 5: Gesprekskaarten
Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 6: Reageer op de situatie
Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.
1. Je plant een afspraak bij de tandarts. De assistent vraagt: "Wanneer kunt u?" Noem een datum die past in jouw agenda. (Gebruik: de datum, de agenda, ochtend/middag)
De datum is
Voorbeeld:
De datum is 14 maart in de ochtend.
2. Je collega wil een korte meeting plannen. Hij vraagt: "Kan het deze week?" Zeg op welke dag van de week jij tijd hebt. (Gebruik: de week, op maandag/dinsdag, ik kan)
In de week
Voorbeeld:
In de week kan ik op dinsdagmiddag.
Oefening 7: Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen over uw plannen voor de komende feestdagen en welke data u in uw agenda zet.
Nuttige uitdrukkingen:
Met Kerstmis ga ik ... / Op [datum] werk ik niet, want ... / In mijn agenda staat ... / Ik vier [feestdag] met ...