Lessen

A1.12 - Seizoenen, maanden en delen van het jaar

A1.12 - Seizoenen, maanden en delen van het jaar

Haal je boek

Leer de seizoenen en maanden.

Beschrijf het weer in elk seizoen en elke maand.

Vertel wat je doet in welke maand van het jaar.

Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig zult hebben.

Wat is de beste activiteit in elk seizoen?

Gebruik 'gaan' + infinitief om een actie in de toekomst te beschrijven, zoals 'Ik ga koken', 'Hij gaat studeren'.

Breng in de praktijk wat je hebt geleerd.

Oefen met spreken met je docent!

Nederlands leren voor anderstaligen - Complete A1-cursus voor beginners

ISBN 979-13-88253-18-8

Deze app ondersteunt dit boek.

Amazon.nl