Oefening: Gespreksoefening

Instructie:

  1. Hoe voelen de mensen zich in die situaties? (Hoe voelen de mensen zich in die situaties?)
  2. Vertel hoe je je voelt met behulp van de woordenschat. (Vertel hoe je je voelt met behulp van de woordenschat.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten