A1.8 - Adres en contactgegevens
A1.8 - Adres en contactgegevens

A1.8 - Adres en contactgegevens - Oefeningen

Adres en contactgegevens


Oefening 1: Zinnen herschikken

Instructie: Maak correcte zinnen.

Toon antwoorden
1.
uw | Wat | is | meneer? | telefoonnummer,
Wat is uw telefoonnummer, meneer?
2.
e-mailadres | jan.de.vries@voorbeeld.nl. | Mijn | is
Mijn e-mailadres is jan.de.vries@voorbeeld.nl.
3.
en uw | postcode? | Wat is | uw huisnummer
Wat is uw huisnummer en uw postcode?
4.
de balie. | vrouw bij | mijn contactgegevens | Ik geef | aan de
Ik geef mijn contactgegevens aan de vrouw bij de balie.
5.
geboorteplaats. | met mijn | Ik ontvang | geboortedatum en | een brief
Ik ontvang een brief met mijn geboortedatum en geboorteplaats.

Oefening 2: Een woord matchen

Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.

Wat is je telefoonnummer? Ik noteer het even.
Ik geef mijn e-mailadres voor de afspraak bij de gemeente.
Wat is je postcode en huisnummer?
Ik ontvang een e-mail met het contact van HR.

Oefening 3: Luister en beantwoord de vragen

Instructie: Luister naar de audiofragmenten en kies het juiste antwoord op de vragen.

1. Hallo, u spreekt met dokter De Vries. Ik bel over uw afspraak. Kunt u mij uw telefoonnummer en uw postcode geven, alstublieft?

Wat vraagt de man aan de andere persoon?

2. Hoi, ik ben Anna, de nieuwe collega bij HR. Mijn e-mailadres is a.peters@office.nl en mijn kantooradres is Marktstraat 10 in Utrecht.

Welke contactinformatie geeft de vrouw?

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Ik ___ mijn e-mailadres aan de medewerker van het gemeentehuis.


2. ___ jij je nieuwe telefoonnummer naar je collega?


3. De vrouw ___ een brief met haar nieuwe huisnummer.


Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Reageer op de situatie

Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.

1. Je belt naar de huisartsenpraktijk. De assistent vraagt om jouw telefoonnummer voor een terugbelverzoek. Geef je nummer. (Gebruik: het telefoonnummer, bellen, mobiel)

Mijn telefoonnummer is    

Voorbeeld:

Mijn telefoonnummer is 06 12 34 56 78.

2. Je staat bij de receptie voor een sollicitatiegesprek. De receptionist vraagt naar jouw adres. Noem je straat en huisnummer. (Gebruik: het huisnummer, de straat, het adres)

Mijn adres is    

Voorbeeld:

Mijn adres is Korte Straat 15.