A1.37 - Je huisdieren
A1.37 - Je huisdieren

A1.37 - Je huisdieren - Spreken

Jullie huisdieren


Oefening: Gespreksoefening

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

  1. Noem elk huisdier op de foto. (Noem elk huisdier op de foto.)
  2. Maak een dialoog: vraag of ze wel of geen dieren hebben. (Maak een dialoog: vraag of zij dieren hebben of niet.)
  3. Beschrijf de dagelijkse verzorging van je huisdier. (Beschrijf de dagelijkse verzorging van uw huisdier.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten

Oefening: Schrijfopdracht (AI+)

Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen over de dagelijkse routine en verzorging van jouw huisdier of van een huisdier dat je graag zou willen hebben. (AI+)

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Nuttige uitdrukkingen:

Ik heb een … als huisdier. / Mijn huisdier eet … keer per dag. / Ik ga elke dag met mijn huisdier … / Mijn huisdier is … en hij/zij houdt van …