Oefening 1: Taalonderdompeling
Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.
| Woord |
|---|
| Hoog |
| Brede basis |
| Minder hoog |
| Hoge toren |
| Groot |
1. Welk land heeft een gebouw van vier kilometer hoog?
2. Wat moet breder zijn als een gebouw hoger wordt?
3. Waarom is hoog bouwen vaak moeilijk in Nederland?
4. Waar willen veel steden geen hoge flats hebben?
Oefening 2: Dialoog
Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.
Joost en Veerle wandelen in de pauze en kijken naar gebouwen in Amsterdam
| 1. | Joost: | Wat een mooie stad. Ik zie hier veel grote gebouwen. |
| 2. | Veerle: | Ja, voor het platte Nederland zijn de gebouwen in Amsterdam best groot. |
| 3. | Joost: | Kijk daar: die hoge toren met die brede basis. Heel mooi. |
| 4. | Veerle: | Ik vind het vierkante gebouw ernaast eigenlijk veel mooier. |
| 5. | Joost: | Dat met het driehoekige dak? Dat is ons kantoor. |
| 6. | Veerle: | Dat weet ik. Precies daarom. Wat een prachtig ontwerp. |
| 7. | Joost: | Ik vind dat vierkante gebouw daar mooier, het heeft een speciale stijl. |
| 8. | Veerle: | Ik niet. Zeg je dat straks tegen de baas? Dan lijkt het alsof ik opschep over ons bedrijf. |
| 9. | Joost: | Ah, daarom! Je wilt een promotie! |
1. Welk gebouw vindt Veerle het mooist?
2. Waarom denkt Joost dat Veerle een promotie wil?