Een man toont zijn nieuwe woning, een smart tiny loft, en waarom hij het een lot uit de loterij vindt.
Een man toont zijn nieuwe woning, een smart tiny loft, en waarom hij het een lot uit de loterij vindt.

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Herken de aangegeven woordenschat in de video.

Woord
Het appartement van zevenentwintig vierkante meter
Klein wonen
De hoogte
Het daglicht
Het slaapgedeelte
De slimme inrichting
De ruimte
Met balkon
Goedemorgen, welkom in mijn kleine appartement.
Het appartement is zevenentwintig vierkante meter groot.
Ik woon hier met veel plezier.
Het voelt niet klein, omdat er veel daglicht is.
Boven is mijn bed en onder is er ruimte voor kleren.
Ik heb een kleine kast voor de was.
De keuken kan ik open- en dichtschuiven.
De koelkast is altijd open voor een drankje.
Ik heb ook een klein balkon buiten.
Ik geniet van het uitzicht op de stad.

Begripsvragen:

  1. Hoe groot is het appartement in vierkante meter?

    (Hoe groot is het appartement in vierkante meter?)

  2. Waarom voelt het appartement niet klein voor de bewoner?

    (Waarom voelt het appartement voor de bewoner niet klein aan?)

  3. Waar is het bed en welke ruimte is er onder het bed?

    (Waar staat het bed en welke ruimte is er onder het bed?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Zoektocht naar een appartement

1. Henk: Goedemorgen, hoe kan ik u vandaag helpen met uw zoektocht?
2. Hanne: Goedemorgen, ik ben op zoek naar een appartement in de stad.
3. Henk: Wat voor type appartement heeft u in gedachten?
4. Hanne: Ik zoek iets kleins, misschien een loft of een studio.
5. Henk: We hebben een loft beschikbaar, 35 vierkante meter, centraal gelegen.
6. Hanne: Klinkt goed. Heeft het ook een balkon of terras?
7. Henk: Ja, het heeft een klein balkon met uitzicht op de stad.
8. Hanne: Perfect. Wat is de maandelijkse huurprijs voor dit appartement?
9. Henk: De huur is 950 euro per maand, inclusief internet en water.
10. Hanne: Is het mogelijk om het appartement binnenkort te bezichtigen?
11. Henk: Natuurlijk, ik kan een afspraak voor u maken. Wanneer komt het uit?

1. Wat zoekt Hanne?


2. Welk type woning vindt Hanne interessant?


Oefening 3: Openingsvragen voor gesprekken

Instructie: Beantwoord de vragen en corrigeer ze met je leraar.

  1. U woont nu in een klein appartement in een drukke straat. Wat voor woning zoekt u liever in Nederland en waarom?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. U belt een makelaar voor een bezichtiging. Wat zegt u in het begin van het telefoongesprek? Noem één of twee zinnen.

    __________________________________________________________________________________________________________

  3. U ziet een advertentie: 'Loft in het centrum, 35 m², 950 euro per maand'. Welke één of twee vragen stelt u voordat u reageert op de advertentie?

    __________________________________________________________________________________________________________

  4. Stelt u zich voor: de huur is te hoog voor u. Hoe zegt u dat tegen de eigenaar of makelaar en wat vraagt u daarna?

    __________________________________________________________________________________________________________