Beschrijf de kleuren van gewone voorwerpen.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Winkelen
Twee vrienden gaan samen winkelen. Ze delen hun meningen en twijfels.
Grammatica: De nevenschikkende voegwoorden: "Et", "Ou", "Car", "Mais"
"Et", "Ou", "Car", "Mais" zijn nevenschikkende voegwoorden.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!