Beschrijf alle kamers en verdiepingen van een huis.
Een huur- of verkoopadvertentie van een huis begrijpen.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Kort verhaal: Het huis van Lola
Lola woont met haar familie. Ze beschrijft haar huis en de kamers waaruit het bestaat.
Grammatica: De onpersoonlijke vorm: "Il y a", "C'est"
De onpersoonlijke vorm maakt het mogelijk een situatie, een voorwerp of een feit te beschrijven.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!