Bezittelijke bijvoeglijke naamwoorden

Les adjectifs possesifs


Accorder les pronoms possessifs.

(Bezittelijke voornaamwoorden overeen laten komen.)

Kernidee: je kiest op basis van het zelfstandig naamwoord

In het Frans past het bezittelijk woord zich aan aan het ding/de persoon (het zelfstandig naamwoord), niet aan de bezitter.

  • Genre: masculin / féminin
  • Aantal: singulier / pluriel

Dus: je kijkt eerst naar le/la/les + woord en pas daarna kies je mon/ma/mes enz.

Stap-voor-stap kiezen (snelle checklist)

  1. Wie bezit? (je/tu/il-elle-on/nous/vous/ils-elles) → kies de rij: mon/ton/son…
  2. Wat wordt bezeten? → is het woord mannelijk of vrouwelijk?
  3. Enkelvoud of meervoud?
    • Meervoud = altijd: mes / tes / ses / nos / vos / leurs
  4. Begint het woord (vrouwelijk) met klinker of h muet? → gebruik mon/ton/son (zie uitzondering).

Wat vaak verwart: ‘son/sa/ses’ betekent niet ‘zijn’ of ‘haar’

son/sa/ses verwijst naar één bezitter: “van hem”, “van haar” of “van on”.

  • son + mannelijk enkelvoud: son frère (zijn/haar broer)
  • sa + vrouwelijk enkelvoud: sa sœur (zijn/haar zus)
  • ses + meervoud: ses collègues (zijn/haar collega’s)

Voor ‘hun’ (meerdere bezitters) gebruik je: leur (enkelvoud) / leurs (meervoud).

Uitzondering: vrouwelijk woord + klinker of ‘h muet’

Om de uitspraak vlot te maken, gebruik je bij een vrouwelijk woord dat begint met een klinker of h muet toch de mannelijke vorm:

  • mon + amiemon amie (niet: ma amie)
  • ton + entrepriseton entreprise
  • son + adresseson adresse
  • mon + histoire (h muet) → mon histoire

Let op: bij een h aspiré geldt dit niet (maar dat leer je meestal woord per woord). Op A1 is het genoeg om de regel toe te passen bij woorden als histoire, hôtel.

Visueel overzicht: enkelvoud vs meervoud (de snelste keuze)

Bezittelijk Enkelvoud mannelijk Enkelvoud vrouwelijk Meervoud
1e pers. ev. (je) mon ma (→ mon bij klinker/h muet) mes
2e pers. ev. (tu) ton ta (→ ton bij klinker/h muet) tes
3e pers. ev. (il/elle/on) son sa (→ son bij klinker/h muet) ses
1e pers. mv. (nous) notre notre nos
2e pers. mv. (vous) votre votre vos
3e pers. mv. (ils/elles) leur leur leurs

Mini-zelfcheck (2 vragen)

  • Vraag 1: Is het woord meervoud? → dan is het meteen mes/tes/ses/nos/vos/leurs.
  • Vraag 2: Is het woord vrouwelijk enkelvoud en begint het met een klinker/h muet? → dan mon/ton/son.

Snelle, natuurlijke voorbeelden (werk & dagelijks leven)

  • mon bureau, ma réunion, mes collègues
  • ton agenda, ta carte, tes documents
  • son prénom, sa famille, ses enfants
  • notre projet, nos clients
  • votre adresse, vos questions
  • leur responsable, leurs idées
  1. Bezittelijke voornaamwoorden komen overeen in geslacht (mannelijk/vrouwelijk) en in aantal (enkelvoud/meervoud) afhankelijk van het zelfstandig naamwoord van het object, niet van degene die het bezit. (ex : "mon père", "ta mère", "ses cousins" )
Personne (Persoon)Singulier (Enkelvoud)Féminin (Vrouwelijk)Pluriel (Meervoud)
Je (ik)Mon (mijn)Ma (mijn)Mes  (mijn)
Tu (jij)Ton (jouw)Ta (jouw)Tes (jouw)
Il / Elle / On (hij / zij / men)Son (zijn/haar)Sa (zijn/haar)Ses (zijn/haar)
Nous  (wij)Notre (ons/onze)Notre (ons/onze)Nos  (onze)
Vous  (u/jullie)Votre (uw/jullie)Votre (uw/jullie)Vos (uw/jullie)
Ils / Elles  (zij (m) / zij (v))Leur (hun)Leur (hun)Leurs (hun)

Uitzonderingen!

  1. Wanneer vrouwelijke woorden beginnen met een klinker of met een stomme ‘h’, gebruik je het mannelijke bezittelijke bijvoeglijk naamwoord. Exemple: Mon écharpe.

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Voici ___ mari Paul et ___ fille Zoé.

Dit is ___ man Paul en ___ dochter Zoé.

2. ___ parents habitent à Paris ou à Lyon ?

___ ouders wonen in Parijs of in Lyon?

3. Mon oncle arrive avec ___ enfants pour le dîner.

Mijn oom komt met ___ kinderen voor het avondeten.

4. Voici ___ appartement et ___ chambres sont au fond du couloir.

Dit is ___ appartement en ___ kamers zijn achteraan in de gang.

Oefening 2: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen door de onderstreepte nominale groep te vervangen door het juiste bezittelijk bijvoeglijk naamwoord (mon, ma, mes, ton, ta, tes, son, sa, ses, notre, nos, votre, vos, leur, leurs).

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Hint Hint (mon) C’est le prénom de moi.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    C’est mon prénom.
    (C'est mon prénom.)
  2. Hint Hint (ton) Voici le mari de toi.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Voici ton mari.
    (Voici ton mari.)
  3. Hint Hint (sa) La sœur de elle habite à Lyon.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Sa sœur habite à Lyon.
    (Sa sœur habite à Lyon.)
  4. Hint Hint (nos) Les enfants de nous sont en vacances.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Nos enfants sont en vacances.
    (Nos enfants sont en vacances.)
  5. Hint Hint (votre) Je cherche le numéro de téléphone de vous.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Je cherche votre numéro de téléphone.
    (Je cherche votre numéro de téléphone.)
  6. Hint Hint (leurs) Ce sont les collègues de elles.
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Ce sont leurs collègues.
    (Ce sont leurs collègues.)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Alessia Calcagni

Talen voor communicatie in internationale ondernemingen en organisaties

Università degli Studi di Modena e Reggio Emilia

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 06/03/2026 18:34