Exercice: Gespreksoefening

Instruction:

  1. Décris les couleurs des vêtements. (Beschrijf de kleuren van de kleding.)
  2. Décrivez la couleur des cheveux de chaque personne. (Beschrijf de haarkleur van elke persoon.)
  3. Décrivez votre apparence. (Beschrijf je eigen uiterlijk.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten