Lessen

A1.42 - Vervoer

A1.42 - Vervoer - Spreken

Haal je boek

Exercice: Klaslokaaloefening

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

  1. Décrivez les différents moyens de transport que vous voyez sur les images. (Beschrijf de verschillende manieren van vervoer die je op de foto's ziet.)
  2. Quel moyen de transport utilisez-vous pour aller au travail ou pour vos activités quotidiennes ? (Welke vervoersmiddelen gebruik je om naar je werk te gaan of voor je dagelijkse activiteiten?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten

Oefening: Schrijfopdracht

Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen om uit te leggen hoe je van het station naar je afspraak in de stad gaat (vervoer, tijd, ticket).

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Nuttige uitdrukkingen:

Je vais à ... à ... heures. / Je prends le tram ou le métro. / J'achète un ticket. / Je valide le ticket.

Frans leren voor beginners: Stap voor stap leren, een A1 cursus met audio

ISBN 979-13-88253-36-2

Deze app ondersteunt dit boek.