Lessen

A1.30 - Ziekte en pijn

A1.30 - Ziekte en pijn - Oefeningen

Haal je boek

Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

J'ai mal à la tête, je vais prendre une aspirine. (Ik heb hoofdpijn, ik neem een aspirine.)
J'ai de la fièvre, je vais aller chez le docteur. (Ik heb koorts, ik ga naar de dokter.)
À la pharmacie, je donne mon ordonnance. (In de apotheek, geef ik mijn recept af.)
Le docteur m'examine, puis il me donne un antibiotique. (De dokter onderzoekt me, en daarna schrijft hij een antibioticum voor.)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis FR

Audio voorbereiden…

FR + NL

Audio voorbereiden…


Note du cabinet médical (Paris)

Cabinet médical - Informations pour les patients : Si vous avez de la , une ou mal à la , ne venez pas sans rendez-vous. Vous pouvez appeler et demander une consultation dans la . Après l’examen, le médecin peut donner une . Prenez les médicaments à la : un sirop pour la toux ou de l’aspirine. Si la douleur continue, consultez de .
Dokterspraktijk - Informatie voor patiënten: Als u koorts, hoest of keelpijn heeft, kom dan niet zonder afspraak. U kunt bellen en vragen om een consult op dezelfde dag. Na het onderzoek kan de arts een recept uitschrijven. Haal de medicijnen bij de apotheek: een hoestsiroop of aspirine. Als de pijn blijft, raadpleeg dan opnieuw.

Oefening 3: Luister en beantwoord de vragen

Instructie: Luister naar de audio en beantwoord de vragen.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis FR

Audio voorbereiden…

FR + NL

Audio voorbereiden…

1. Pourquoi Sophie appelle-t-elle ?

(Waarom belt Sophie?)
Gratis FR

Audio voorbereiden…

FR + NL

Audio voorbereiden…

2. Que va acheter l'homme ?

(Wat gaat de man kopen?)

Oefening 4: Werkwoordsvervoegingen

Instructie: Kies de juiste oplossing

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Je ___ consulter un médecin cet après-midi, j’ai de la fièvre.

(Je ___ consulter un médecin cet après-midi, j’ai de la fièvre.)

2. Vous ___ prendre un médicament après le repas, selon l’ordonnance.

(Vous ___ prendre un médicament après le repas, selon l’ordonnance.)

3. Elle ___ aller à l’hôpital aujourd’hui, elle va d’abord à la pharmacie.

(Elle ___ aller à l’hôpital aujourd’hui, elle va d’abord à la pharmacie.)

Oefening 5: Dialoogbegrip

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Gratis FR

Audio voorbereiden…

FR + NL

Audio voorbereiden…

À la pharmacie après le médecin

Pharmacienne: Show Bonjour. Vous avez une ordonnance ?

(Hallo. Heeft u een recept?)

Client: Show Oui, la voici. J’ai la grippe, j’ai de la fièvre et je tousse beaucoup.

(Ja, hier is het. Ik heb griep, ik heb koorts en ik hoest veel.)

Pharmacienne: Show D’accord. Je vous donne un sirop pour la toux et de l’aspirine pour la fièvre.

(Oké. Ik geef u een siroop tegen hoest en aspirine tegen de koorts.)

Client: Show Merci. Faut-il prendre l’antibiotique aussi ?

(Dank u. Moet ik ook het antibioticum innemen?)


Open vragen:

1. Qu’est-ce que le client donne à la pharmacienne ?

Wat geeft de cliënt aan de apotheker?

Gratis FR

Audio voorbereiden…

FR + NL

Audio voorbereiden…

Consultation au cabinet médical

Docteur Martin: Show Bonjour Madame, dites-moi ce qui vous gêne.

(Goedendag mevrouw, vertel eens wat u last geeft.)

Patiente: Show J’ai mal à la gorge et j’ai mal à la tête depuis deux jours.

(Ik heb keelpijn en al twee dagen hoofdpijn.)

Docteur Martin: Show Je vais vous examiner. Vous avez un peu de fièvre et la gorge rouge.

(Ik ga u onderzoeken. U heeft wat koorts en een rode keel.)

Patiente: Show Dois-je prendre un médicament ou aller à l’hôpital ?

(Moet ik medicijnen nemen of naar het ziekenhuis gaan?)


Open vragen:

1. Où la patiente a-t-elle mal ?

Waar heeft de patiënte pijn?

Oefening 6: Reageer op de situatie

Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Tu es au cabinet médical. Le médecin te demande ce que tu as. Réponds et dis où tu as mal. (Utilise: avoir mal à…, avoir de la fièvre, tousser)

(Je bent bij de dokter. De dokter vraagt wat er met je is. Antwoord en zeg waar je pijn hebt. (Gebruik: avoir mal à…, avoir de la fièvre, tousser))

J'ai mal    

(Ik heb pijn ...)

Voorbeeld:

J'ai mal à la tête et j'ai un peu de fièvre. Je tousse aussi.

(Ik heb hoofdpijn en een beetje koorts. Ik hoest ook.)

2. Tu es à la pharmacie. Tu as une ordonnance du médecin. Demande le médicament et pose une question simple. (Utilise: l'ordonnance, un antibiotique, comment prendre…)

(Je bent in de apotheek. Je hebt een recept van de dokter. Vraag om het medicijn en stel een eenvoudige vraag. (Gebruik: l'ordonnance, un antibiotique, comment prendre…))

J'ai une    

(Ik heb een ...)

Voorbeeld:

Bonjour, j'ai une ordonnance. Je peux avoir l'antibiotique, s'il vous plaît ? Je le prends comment ?

(Hallo, ik heb een recept. Mag ik het antibioticum, alstublieft? Hoe moet ik het innemen?)

Oefening 7: Brief schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.


Salut ! C'est Karim, ton voisin du 3e.

Depuis hier, je tousse beaucoup et j'ai mal à la gorge. Je pense que j'ai un peu de fièvre. Je vais consulter un médecin aujourd'hui au cabinet médical à 16h30, mais je ne me sens pas bien.

Tu peux venir avec moi ?


Hoi! Met Karim, je buurman van de derde verdieping.

Sinds gisteren hoest ik veel en heb ik keelpijn. Ik denk dat ik een beetje koorts heb. Ik ga vandaag naar de dokter om 16:30 in de dokterspraktijk, maar ik voel me niet goed.

Kun je met me meekomen?


Nuttige zinnen:

  1. Je suis désolé(e), je ne peux pas venir parce que...

    (Het spijt me, ik kan niet meekomen omdat...)

  2. Je peux venir avec toi à ...

    (Ik kan met je meegaan om ...)

  3. Tu as aussi mal à la tête / au ventre ?

    (Heb je ook hoofdpijn / buikpijn?)

Salut Karim, oui, je peux venir avec toi. Je suis libre à 16h00, on peut partir ensemble. Tu as de la fièvre ? Tu as aussi mal à la tête ? Si le médecin donne une ordonnance, on ira à la pharmacie après. À tout à l'heure.

Hoi Karim, ja, ik kan met je meegaan. Ik ben vrij om 16:00, we kunnen samen vertrekken. Heb je koorts? Heb je ook hoofdpijn? Als de dokter een recept geeft, gaan we daarna naar de apotheek. Tot straks.

Frans leren voor beginners: Stap voor stap leren, een A1 cursus met audio

ISBN 979-13-88253-36-2

Deze app ondersteunt dit boek.