Oefening 1: Een woord matchen
Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.
Oefening 2: Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Annonce - Studio meublé à louer
Vul de lege plekken in: lit, fauteuil, porte, bureau, table, canapé, fermer
(Advertentie - Gemeubileerde studio te huur)
Studio meublé à louer, Paris 11e. Dans le salon : un , une et un . Le est dans un coin, près de la . Dans la chambre : un avec un oreiller et une armoire. Salle d'eau : un évier. Placard dans l'entrée. Visites mardi à 18 h. Merci de la porte en partant.Gemeubileerde studio te huur, Parijs 11e. In de woonkamer: een bank, een tafel en een fauteuil. Het bureau staat in een hoek, dicht bij de deur. In de slaapkamer: een bed met een kussen en een kledingkast. Badkamer: een wastafel. Bergkast in de hal. Bezichtigingen op dinsdag om 18:00. Gelieve de deur te sluiten bij vertrek.
Oefening 3: Luister en beantwoord de vragen
Instructie: Luister naar de audiofragmenten en kies het juiste antwoord op de vragen.
Où est le colis ?
Où est la baignoire ?
Oefening 4: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Dans l'annonce, j'___ le placard et je regarde l'armoire.
(In de advertentie ik ___ de kast en kijk ik naar de linnenkast.)2. Pour la visite, vous ___ la porte du salon et vous montrez le canapé.
(Voor de bezichtiging ___ u de deur van de woonkamer en laat u de bank zien.)3. Dans sa chambre, il ___ l'armoire sous la fenêtre.
(In zijn kamer ___ hij de kast onder het raam.)Oefening 5: Gesprekskaarten
Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 6: Reageer op de situatie
Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.
1. Tu es chez un(e) ami(e) en France. Il/elle te demande : « Dans ton salon, il y a quoi ? » Réponds simplement. (Utilise : le canapé, il y a, dans le salon)
(Je bent bij een vriend(in) in Frankrijk. Hij/zij vraagt je: « Dans ton salon, il y a quoi ? » Antwoord eenvoudig. (Gebruik: le canapé, il y a, dans le salon))Dans mon salon,
(Dans mon salon, ...)Voorbeeld:
Dans mon salon, il y a un canapé et une table.
(Dans mon salon, il y a un canapé et une table.)2. Tu appelles un magasin pour acheter un meuble. Tu veux un bureau pour travailler à la maison. Pose une question simple au vendeur. (Utilise : le bureau, pour travailler, petit / grand)
(Je belt een winkel om een meubelstuk te kopen. Je wilt een bureau om thuis te werken. Stel een eenvoudige vraag aan de verkoper. (Gebruik: le bureau, pour travailler, petit / grand))Je cherche un bureau
(Je cherche un bureau ...)Voorbeeld:
Bonjour, je cherche un bureau pour travailler à la maison, petit ou grand.
(Bonjour, je cherche un bureau pour travailler à la maison, petit ou grand.)Oefening 7: Correspondentie schrijven
Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie
Bonjour, je suis Nadia (Leboncoin). Êtes-vous toujours intéressé(e) par le canapé et la table ? Ils sont à venir chercher à mon appartement.
Le canapé est dans le salon, près de la porte. La table est dans la cuisine, à côté de l'évier. Vous pouvez passer quand ?
Bonjour, je suis Nadia (Leboncoin). Bent u nog geïnteresseerd in de bank en de tafel? Ze moeten opgehaald worden in mijn appartement.
De bank staat in de woonkamer, dichtbij de deur. De tafel staat in de keuken, naast de gootsteen. Wanneer kunt u langskomen?
Nuttige zinnen:
-
Chez moi, le/la … est dans …
(Bij mij staat de/het … in …)
-
Je peux passer … (lundi / demain) à … heures.
(Ik kan langskomen … (maandag / morgen) om … uur.)
-
Est-ce que je peux voir aussi … ?
(Mag ik ook … komen bekijken?)
Bonjour Nadia, ja, ik ben geïnteresseerd. De bank staat in de woonkamer, dicht bij de deur, en de tafel staat in de keuken, naast de gootsteen. Ik kan morgen om 18.00 uur langskomen. Is de tafel gemakkelijk te tillen? Dank je.