Stel en beantwoord vragen.
Leer de vraagwoorden.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: De nationale feestdag met vrienden
Quentin brengt een bezoek aan zijn vrienden in Parijs voor 14 juli. Hij stelt hen vragen over de organisatie van de avond.
Grammatica: De vragende bijwoorden: "Où", "Pourquoi", "Combien", "Quand" en "Comment"
Vraagwoorden dienen om gerichte vragen te stellen over een plaats (“Waar”), een reden (“Waarom”), een tijdstip (“Wanneer”), een manier (“Hoe”) of een hoeveelheid (“Hoeveel”).
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!