A1.11 - Rangtelwoorden - Spreken
Haal je boekExercice: Klaslokaaloefening
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
- À quel étage chaque personne vit-elle ? (Op welke verdieping woont elke persoon?)
- Habitez-vous dans un appartement ? À quel étage habitez-vous ? (Woon je in een appartement? Op welke verdieping woon je?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Oefening:
Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf een kort bericht (4 of 5 regels) aan een collega om uit te leggen op welke verdieping de vergaderzaal is en waar de receptie zich in het gebouw bevindt.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Nuttige uitdrukkingen:
La réunion est au … étage. / L'accueil est au rez‑de‑chaussée. / Merci d'arriver … minutes avant. / Pensez à vous rappeler …
Frans leren voor beginners: Stap voor stap leren, een A1 cursus met audio
ISBN 979-13-88253-36-2
Deze app ondersteunt dit boek.