Ejercicio: Gespreksoefening

Instrucción:

  1. Habla con el agente inmobiliario. ¿Qué tipo de alojamiento quieres alquilar? (Praat met de makelaar. Wat voor soort accommodatie wil je huren?)
  2. Nombra y describe los tipos de alojamientos en las imágenes. Piensa en los precios. (Noem en beschrijf de soorten accommodaties op de foto's. Denk aan de prijzen.)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten