La voz pasiva se usa para indicar acciones realizadas.

(De lijdende vorm wordt gebruikt om handelingen aan te geven die uitgevoerd worden.)

Wat leer je hier precies?

  • Je leert de lijdende vorm in het Spaans: ser + participio.
  • Je ziet hoe je een zin verandert van actief (iemand doet iets) naar passief (iets wordt gedaan).
  • Je let op twee dingen: ser en de vorm van het participio (mannelijk/vrouwelijk, enkelvoud/meervoud).

1. Van actief naar passief: waar moet je op letten?

Eerst het verschil:

  • Actief: het onderwerp doet de actie.
  • Passief: het onderwerp krijgt de actie.
Actief (discurso directo) Passief (discurso indirecto)
El teatro organiza el concierto. El concierto es organizado por el teatro.
Los estudiantes ven la exposición. La exposición es vista por los estudiantes.

Stappen om een actieve zin passief te maken:

  1. Zoek het lijdend voorwerp (wie/wat wordt gezien, georganiseerd, enz.).
    Los estudiantes ven la exposición.la exposición
  2. Maak dat het nieuwe onderwerp van de zin.
    La exposición ...
  3. Voeg ser toe in de juiste vorm (hier: tegenwoordige tijd).
    La exposición es ...
  4. Maak het participio van het hoofdwerkwoord.
    ver → vista
  5. Laat het participio overeenkomen met het nieuwe onderwerp.
    la exposición → vrouwelijk enkelvoud → vista
  6. Voeg ‘por + persoon/instantie’ toe als je belangrijk vindt wie het doet.
    La exposición es vista por los estudiantes.

2. De bouwsteen: ser + participio

De basisvorm:

ser (in de juiste tijd en persoon) + participio (m/v, ev/mv)

Onderwerp Vorm van ser Participio Volledige passieve zin
El evento es presentado El evento es presentado en el teatro.
Las obras son vistas Las obras son vistas en el museo.

Belangrijke afspraken:

  • ser verandert volgens de tijd en het onderwerp: es, son, fue, fueron, enz.
  • Het participio verandert volgens geslacht en getal van het onderwerp.

3. Participio: hoe maak je het en hoe laat je het kloppen?

Je hebt hier vooral de regelmatige participios nodig.

Infinitief Woordsoort Stam Participio (m. ev.)
organizar -ar werkwoord organiz- organizado
visitar -ar werkwoord visit- visitado
ver -er werkwoord v- visto (onregelmatig)

Daarna pas je het aan:

  • mannelijk enkelvoud: organizado
  • vrouwelijk enkelvoud: organizada
  • mannelijk meervoud: organizados
  • vrouwelijk meervoud: organizadas

Voorbeelden:

  • El concierto → es organizado por el teatro.
  • La exposición → es organizada por el museo.
  • Los conciertos → son organizados por el teatro.
  • Las exposiciones → son organizadas por el museo.

4. Ser of estar? Een veelgemaakte fout

In deze grammatica gebruik je:

  • altijd ser + participioes presentado, son explicadas

Let op dit verschil:

Zin Betekenis Goed/fout hier?
El concierto es organizado por el museo. passieve vorm, wie organiseert het? juist (grammaticaregel)
El concierto está organizado por el museo. klinkt meer als: het ligt al vast/het is al geregeld niet de vorm die je hier oefent

Voor deze les: denk steeds aan ser + participio, niet aan estar.

5. Wanneer gebruik je ‘por’ en wanneer niet?

‘Por’ geeft aan wie de actie uitvoert (de “agent”).

  • El concierto es organizado por la sala de música.
  • La exposición es visitada por turistas.

Je laat ‘por + persoon’ weg als het niet belangrijk is wie het doet, of als het al duidelijk is.

  • La exposición es visitada cada día. (algemeen)
  • El museo es visitado mucho. (we weten niet precies door wie, en dat is oké)

Onthoud:

  • met ‘por’: als de “dader” interessant is.
  • zonder ‘por’: als het gaat om de actie zelf.

6. Zelfcheck: klopt mijn passieve zin?

Gebruik deze korte checklist:

  1. Heb ik het juiste onderwerp gekozen?
    → is het “ding” dat de actie ontvangt nu onderwerp?
  2. Klopt de vorm van ser?
    • enkelvoud → es
    • meervoud → son
  3. Komt het participio overeen met het onderwerp in geslacht en getal?
    la exposición → visitada
    las exposiciones → visitadas
  4. Heb ik ser gebruikt, niet estar?
    es organizado, son explicadas
  5. Is ‘por + agent’ nodig?
    • La exposición es organizada por el museo. (wie? → ja, belangrijk)
    • El museo es visitado mucho. (door wie? → niet belangrijk, mag weg)

7. Korte samenvatting voor je geheugen

  • Passief in het Spaans: ser + participio.
  • Het onderwerp in de passieve zin ontvangt de actie.
  • ser vervoeg je in tijd en persoon: es, son, fue...
  • Het participio past zich aan aan het onderwerp: organizado/organizada/organizados/organizadas.
  • por gebruik je alleen als je wilt zeggen door wie iets gedaan wordt.
  • Voor deze les: geen estar, alleen ser + participio.

Als je deze punten stap voor stap volgt, kun je alle voorbeeldzinnen uit het boek zelf omzetten naar de lijdende vorm en begrijp je precies wat er gebeurt.

  1. Het voltooid deelwoord komt in geslacht en getal overeen met het onderwerp.
  2. "Ser" wordt vervoegd volgens de tijd van de zin.
Discurso directo (Directe rede)Formúla (Formule)Discurso indirecto (Indirecte rede)
El teatro organiza el concierto. (Het theater organiseert het concert.)Ser + participio El evento es presentado en el teatro. (Het evenement wordt gepresenteerd in het theater.)
En el teatro se presenta la obra. (In het theater wordt het stuk opgevoerd.)Ser + participioLa obra es vista en el museo. (Het kunstwerk wordt gezien in het museum.)
Los estudiantes ven la exposición. (De studenten bekijken de tentoonstelling.)Ser + participio + porLa exposición es visitada por los estudiantes. (De tentoonstelling wordt bezocht door de studenten.)

Uitzonderingen!

  1. Het complement 'por' wordt alleen gebruikt als het nodig is.
  2. In de lijdende vorm ontvangt het onderwerp de handeling, het voert die niet uit.

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. La exposición ___ organizada por el museo de arte moderno.

De tentoonstelling ___ georganiseerd door het museum voor moderne kunst.)

2. El concierto ___ presentado por un famoso cantante.

Het concert ___ gepresenteerd door een beroemde zanger.)

3. Las obras ___ explicadas por la guía del museo.

De werken ___ toegelicht door de museumgids.)

4. Las invitaciones ___ enviadas por correo electrónico.

De uitnodigingen ___ per e-mail verstuurd.)

Oefening 2: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf de zinnen in de lijdende vorm met ser + voltooid deelwoord. Voeg 'por + agent' toe indien nodig om aan te geven wie de handeling uitvoert. Voorbeeld: El museo organiza la exposición. → La exposición es organizada por el museo.

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. La biblioteca organiza un taller de lectura.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Un taller de lectura es organizado por la biblioteca.
    (Een leesworkshop wordt door de bibliotheek georganiseerd.)
  2. Los turistas visitan el museo de arte moderno.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    El museo de arte moderno es visitado por los turistas.
    (Het museum voor moderne kunst wordt door toeristen bezocht.)
  3. En esta sala muestran las pinturas nuevas.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Las pinturas nuevas son mostradas en esta sala.
    (De nieuwe schilderijen worden in deze zaal getoond.)
  4. El teatro presenta una obra famosa.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Una obra famosa es presentada en el teatro.
    (Een beroemd stuk wordt door het theater opgevoerd.)
  5. Muchos estudiantes leen este libro en clase.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    Este libro es leído en clase por muchos estudiantes.
    (Dit boek wordt in de klas door veel studenten gelezen.)
  6. En el auditorio escuchan la conferencia del director.
    ⇒ _______________________________________________ Example
    La conferencia del director es escuchada en el auditorio.
    (De toespraak van de directeur wordt in het auditorium gehoord.)

Oefening 3: Grammatica in actie

Instructie: Beschrijf het samen: wat er wordt gepresenteerd, waar en door wie.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
Tú y un colega organizáis una pequeña exposición de arte en un museo local.
(Jij en een collega organiseren samen een kleine kunsttentoonstelling in een plaatselijk museum.)

Bespreek
  • ¿Qué obras se presentan y por qué son interesantes? (Welke werken worden er getoond en waarom zijn ze interessant?)
  • ¿Dónde se celebra el evento y cómo se prepara el espacio? (hora, día) (Waar vindt het evenement plaats en hoe wordt de ruimte klaargemaakt? (tijd, dag))

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • La exposición es presentada en el museo. (De tentoonstelling wordt in het museum gepresenteerd.)
  • El evento es organizado por la discoteca. (Het evenement wordt georganiseerd door de discotheek.)
  • La obra es vista en internet o en la radio. (Het werk wordt online of op de radio bekeken.)

Gebruik in gesprek
  • El concierto es organizado por… (Het concert wordt georganiseerd door…)
  • La obra es presentada en… (Het werk wordt gepresenteerd in…)
  • La exposición es visitada por… (De tentoonstelling wordt bezocht door…)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Alessia Calcagni

Talen voor communicatie in internationale ondernemingen en organisaties

Università degli Studi di Modena e Reggio Emilia

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

woensdag, 25/02/2026 03:45