A1.27 - Vormen en figuren - Oefeningen
Haal je boekOefening 1: Een woord matchen
Instructie: Koppel elk begin aan het juiste einde.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Oefening 2:
Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Catálogo de azulejos para la cocina
En la tienda de azulejos “Cerámica Sol” modelos para una cocina nueva. En la pared principal queremos azulejos blancos y azules. Nos gusta un diseño con flores en forma de y . También vemos un modelo con azulejos , pero no nos parece muy elegante.
El dependiente señala tres paneles en la pared: “En panel hay azulejos grandes y . En panel hay azulejos pequeños y . En panel del fondo hay un diseño muy moderno”. Nosotros preferimos los azulejos pequeños y finos para la cocina, porque la cocina es y no es muy grande.In de tegelwinkel “Cerámica Sol” bekijken we modellen voor een nieuwe keuken. Op de hoofdmuur willen we witte en blauwe tegels. We houden van een ontwerp met bloemen in de vorm van een driehoek en een cirkel. We zien ook een model met vierkante tegels, maar dat vinden we niet erg elegant.
De verkoper wijst naar drie panelen aan de muur: “Op dit paneel liggen grote, dikke tegels. Op dat paneel liggen kleine, dunne tegels. Op dat paneel achterin is een heel modern ontwerp.” Wij geven de voorkeur aan de kleine, dunne tegels voor de keuken, omdat de keuken smal is en niet zo groot.
Oefening 3:
Luister en beantwoord de vragen
Instructie: Luister naar de audio en beantwoord de vragen.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. ¿Qué mesa prefiere la mujer?
2. ¿Qué forma tiene la puerta del edificio?
Oefening 4: Werkwoordsvervoegingen
Instructie: Kies de juiste oplossing
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. Yo ___ este plano y veo un triángulo y un círculo grandes.
(Ik ___ dit plan en ik zie een grote driehoek en een grote cirkel.)2. ¿Tú ___ ese cuadrado pequeño en la pantalla?
(Kijk jij ___ dat kleine vierkant op het scherm?)3. María ___ aquellas líneas finas en el plano de la casa.
(María ___ die dunne lijnen in het huisplan.)
Oefening 5:
Dialoogbegrip
Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Elegir una lámpara en la tienda
Cliente: Show Hola, busco una lámpara nueva para el salón, pequeña y de forma cuadrada.
(Hallo, ik zoek een nieuwe lamp voor de woonkamer, klein en vierkant van vorm.)
Vendedora: Show Tenemos esta lámpara con un cuadrado grande y este modelo con un círculo pequeño; ¿cuál miras primero?
(We hebben deze lamp met een groot vierkant en dit model met een kleine cirkel; welke bekijk je eerst?)
Cliente: Show Miro la del círculo, pero creo que prefiero el cuadrado, es más ancho y da más luz.
(Ik kijk naar die met de cirkel, maar ik denk dat ik de vierkante liever heb; hij is breder en geeft meer licht.)
Vendedora: Show Vale, entonces te preparo la lámpara cuadrada; es un modelo nuevo y queda muy bien en salones modernos.
(Oké, dan haal ik de vierkante lamp voor je; het is een nieuw model en staat erg goed in moderne woonkamers.)
Open vragen:
1. ¿Qué forma de lámpara te gusta para tu salón y por qué?
Welke vorm lamp vind je mooi voor je woonkamer en waarom?
Comentar el diseño del logo en el trabajo
Diseñador: Show Para el logo propongo un círculo grande y una línea fina debajo con el nombre de la empresa.
(Voor het logo stel ik een grote cirkel voor en een dunne lijn eronder met de naam van het bedrijf.)
Compañera de marketing: Show A mí me gusta, pero quizá un rectángulo pequeño y ancho parece más serio para un banco.
(Ik vind het mooi, maar misschien oogt een klein, breed rechthoekje serieuzer voor een bank.)
Diseñador: Show Tienes razón, el rectángulo transmite dureza y el círculo es más suave; ¿qué prefieres para este cliente?
(Je hebt gelijk, de rechthoek straalt stevigheid uit en de cirkel is zachter; wat heeft jouw voorkeur voor deze cliënt?)
Compañera de marketing: Show Para este cliente viejo prefiero el rectángulo; para un cliente nuevo usaría un círculo moderno.
(Voor deze bestaande cliënt verkies ik de rechthoek; voor een nieuwe cliënt zou ik een moderne cirkel gebruiken.)
Open vragen:
1. ¿Un logo con muchas formas es bueno o malo para una empresa? ¿Por qué?
Is een logo met veel vormen goed of slecht voor een bedrijf? Waarom?
Oefening 6: Reageer op de situatie
Instructie: Oefen in tweetallen of met je docent.
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
1. Estás en una tienda de muebles para tu casa nueva. Buscas una mesa sencilla para trabajar con el portátil. Pregunta al vendedor por una mesa según la forma. (Usa: la forma, el cuadrado, grande / pequeña)
(Je bent in een meubelwinkel voor je nieuwe huis. Je zoekt een eenvoudige tafel om met de laptop te werken. Vraag de verkoper naar een tafel op basis van de vorm. (Gebruik: la forma, el cuadrado, grande / pequeña))Busco una mesa
(Ik zoek een tafel ...)Voorbeeld:
Busco una mesa con forma de cuadrado, no muy grande, para trabajar.
(Ik zoek een tafel met de vorm van een cuadrado, niet te grande, om aan te werken.)2. En la oficina necesitáis un nuevo logo para la empresa. Hablas con el diseñador y dices qué forma te gusta más para el logo. (Usa: el círculo, me gusta, el logo)
(Op kantoor hebben jullie een nieuw logo voor het bedrijf nodig. Je praat met de ontwerper en zegt welke vorm je het liefst wilt voor het logo. (Gebruik: el círculo, me gusta, el logo))Para el logo prefiero
(Voor het logo geef ik de voorkeur aan ...)Voorbeeld:
Para el logo prefiero un círculo; es simple y claro.
(Voor het logo geef ik de voorkeur aan een círculo; het is simpel en duidelijk.)Oefening 7: Brief schrijven
Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Laura: Hola, ¿cómo estás?
Mira, estoy en una tienda de muebles. Quiero algo para mi salón.
La primera mesa es redonda, un poco pequeña pero muy suave. La segunda mesa es rectangular, es más grande y un poco dura.
También hay dos alfombras: una con muchos círculos y otra con muchos cuadrados. La de círculos es más clara y la de cuadrados es más oscura.
¿Qué te gusta más para mi salón? ¿Esta mesa redonda o esa mesa rectangular? ¿Y qué alfombra?
Laura: Hallo, hoe gaat het?
Kijk, ik ben in een meubelwinkel. Ik wil iets voor mijn woonkamer.
De eerste tafel is rond, een beetje klein maar heel zacht. De tweede tafel is rechthoekig, die is groter en een beetje hard.
Er zijn ook twee vloerkleden: eentje met veel cirkels en een andere met veel vierkanten. Het kleed met cirkels is lichter en het kleed met vierkanten is donkerder.
Wat vind jij het meest geschikt voor mijn woonkamer? Is het deze ronde tafel of die rechthoekige tafel? En welk vloerkleed?
Nuttige zinnen:
-
A mí me gusta más…
(Ik vind dit mooier...)
-
Para tu salón, creo que…
(Voor jouw woonkamer denk ik dat...)
-
Esta opción es…
(Deze optie is...)
Estoy bien, gracias.
Para tu salón, creo que esta mesa redonda es mejor. Es pequeña y suave; me gusta porque queda bien en espacios con muebles modernos. La mesa rectangular es grande y dura, para tu salón creo que es mucha cantidad.
Prefiero la alfombra con círculos. Es más clara y el salón parece más amplio.
Un abrazo,
[TU NOMBRE]
Hoi Laura,
Het gaat goed, bedankt.
Voor jouw woonkamer denk ik dat deze ronde tafel beter is. Hij is klein en zacht; ik vind hem mooi omdat hij goed past in ruimtes met moderne meubels. De rechthoekige tafel is groter en wat harder; voor jouw woonkamer vind ik dat te veel.
Ik geef de voorkeur aan het vloerkleed met cirkels. Het is lichter en de woonkamer lijkt daardoor ruimer.
Liefs,
[JOUW NAAM]
Spaans leren voor beginners – Complete A1-cursus
ISBN 979-13-88253-01-0
Deze app ondersteunt dit boek.