Beschrijf alledaagse kleding.
Vraag naar beschikbaarheid in een kledingwinkel.
Vraag om uw maat.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Kleding kopen
Twee vrienden praten voordat ze op excursie gaan. Ze beslissen wat ze moeten kopen en zeggen dat ze de dingen kunnen terugbrengen als ze het niet leuk vinden.
Grammatica: De modale werkwoorden: Deber, poder, querer,...
Modale werkwoorden geven verplichting, mogelijkheid, wens, capaciteit of gewoonte aan.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!