Ejercicio 1: Emparejar una palabra
Instrucción: Relaciona cada comienzo con su final correcto.
Ejercicio 2: Preparación del examen
Instrucción: Lee el texto, rellena los huecos con las palabras que faltan y responde a las preguntas que aparecen a continuación
Anoniem medewerkeronderzoek: Hoe voel jij je op het werk?
Rellena los huecos: blij, rustig, saai, lachen, bang, voelen, zenuwachtig, gelukkig, boos, voelt, verdrietig
(Encuesta anónima para empleados: ¿Cómo te sientes en el trabajo?)
Ons bedrijf heeft een nieuwe online vragenlijst. De directie wil weten hoe medewerkers zich op het werk. In de vragenlijst kies je woorden zoals , , of . Je kunt ook kort schrijven waarom je je zo . De vragenlijst is anoniem.
Veel collega’s zeggen dat ze zich vaak voelen door deadlines en vergaderingen. Andere collega’s zijn juist , omdat ze leuke taken hebben en veel met het team. Een paar collega’s vinden het werk soms of worden door de hoge werkdruk. De directie wil met deze informatie het werk verbeteren en leuker maken voor iedereen.Nuestra empresa tiene un nuevo cuestionario en línea. La dirección quiere saber cómo se sienten los empleados en el trabajo. En el cuestionario eliges palabras como feliz, enfadado, asustado o tranquilo. También puedes escribir brevemente por qué te sientes así. El cuestionario es anónimo.
Muchos compañeros dicen que a menudo se sienten nerviosos por los plazos y las reuniones. Otros compañeros, en cambio, están contentos porque tienen tareas agradables y se ríen mucho con el equipo. Algunos compañeros encuentran el trabajo a veces aburrido o se ponen tristes por la alta carga de trabajo. La dirección quiere usar esta información para mejorar el trabajo y hacerlo más agradable para todos.
Ejercicio 3: Escucha y contesta las preguntas
Instrucción: Escucha los fragmentos de audio y elige la respuesta correcta a las preguntas.
Hoe voelt de vrouw vóór het gesprek?
Waarom voelt de man zich niet goed op zijn werk?
Ejercicio 4: Opción múltiple
Instrucción: Elige la solución correcta
1. Ik ___ om de grappige foto van mijn collega in de groepschat.
(Yo ___ de la foto graciosa de mi colega en el chat grupal.)2. Hij ___ met zijn collega’s op het werk, maar thuis is hij vaak verdrietig.
(Él ___ con sus colegas en el trabajo, pero en casa suele estar triste.)3. Ik ___ me zenuwachtig voor het gesprek met mijn baas.
(Yo ___ nervioso por la conversación con mi jefe.)Ejercicio 5: Tarjetas de diálogo
Instrucción: Practica la conversación con tu profesor o tus compañeros de clase.
Ejercicio 6: Responde a la situación
Instrucción: Practica en parejas o con tu profesor.
1. Je hebt vandaag een drukke dag op je werk. In de pauze vraagt een collega: “Hoe gaat het met je?” Zeg kort hoe jij je voelt. (Gebruik: zich voelen, gelukkig, goed)
(Hoy has tenido un día ajetreado en el trabajo. En el descanso, un colega pregunta: “Hoe gaat het met je?” Di brevemente cómo te sientes. (Gebruik: zich voelen, gelukkig, goed))Ik voel me
(Ik voel me ...)Ejemplo:
Ik voel me vandaag goed.
(Ik voel me vandaag goed.)2. Je hebt straks een sollicitatiegesprek. Je collega ziet je en vraagt: “Ben je klaar voor het gesprek?” Zeg hoe je je voelt voor het gesprek. (Gebruik: zenuwachtig, een beetje, straks)
(Pronto tienes una entrevista de trabajo. Un colega te ve y pregunta: “Ben je klaar voor het gesprek?” Di cómo te sientes respecto a la entrevista. (Gebruik: zenuwachtig, een beetje, straks))Ik ben een beetje
(Ik ben een beetje ...)Ejemplo:
Ik ben een beetje zenuwachtig voor het gesprek straks.
(Ik ben een beetje zenuwachtig voor het gesprek straks.)Ejercicio 7: Redacción de correspondencia
Instrucción: Escribe una respuesta al siguiente mensaje adecuada a la situación
Hey,
Hoe gaat het met je vandaag?
Ik ben een beetje zenuwachtig voor de meeting met de nieuwe baas. Er is weer veel druk op de deadline en ik slaap slecht.
Op kantoor is het niet rustig. Iedereen is gestrest door het project. Ik ben niet boos, maar ook niet blij. Het is gewoon saai en zwaar.
Hoe voel jij je vandaag op het werk?
Groet,
Mark
Hey,
¿Cómo vas hoy?
Estoy un poco nervioso por la reunión con el nuevo jefe. Hay mucha presión otra vez por la fecha límite y no duermo bien.
En la oficina no hay calma. Todo el mundo está estresado por el proyecto. No estoy enfadado, pero tampoco contento. Simplemente es agotador y pesado.
¿Cómo te sientes hoy en el trabajo?
Un saludo,
Mark
Frases útiles:
-
Ik voel me vandaag...
(Me siento hoy...)
-
Op het werk is het...
(En el trabajo está...)
-
Ik ben blij/verdrietig/zenuwachtig omdat...
(Estoy contento/triste/nervioso porque...)
Dank je voor je bericht. Ik voel me vandaag ook een beetje zenuwachtig. De deadline is dichtbij en ik ben moe.
Op het werk is het druk, maar mijn collega’s zijn vriendelijk. Soms word ik een beetje boos door de stress, maar ik probeer rustig te blijven. Vanavond wil ik thuis ontspannen en een film kijken. Dan voel ik me misschien weer blij.
Groet,
Sara
Hola Mark,
Gracias por tu mensaje. Hoy también me siento un poco nerviosa. La fecha límite está cerca y estoy cansada.
En el trabajo hay mucho movimiento, pero mis compañeros son amables. A veces me enfado un poco por el estrés, pero intento mantener la calma. Esta noche quiero relajarme en casa y ver una película. Entonces quizá vuelva a sentirme contenta.
Un saludo,
Sara