België en Nederland vormden sinds 1815 één huwelijk, maar in 1830 was de scheiding al een feit.
Belgium and the Netherlands formed one union since 1815, but in 1830 the separation was already a fact.
Word | Translation |
---|---|
Gescheiden | Divorced |
Ruziën | Arguments |
De scheidingspapieren | The divorce papers |
De scheiding | The separation |
Het huwelijk | The marriage |
Samenvoegen | Combine |
Elkaar de haren in vliegen | To fly at each other's hair |
De binding / verschillen | The binding / differences |
De scheiding van Limburg was net als elke scheiding 1 van verliezen en conflict.
1. | Erik: | Zeg, zou jij eigenlijk willen trouwen? | (Say, would you actually want to get married?) Show |
2. | Maria: | Wat een vraag, zomaar ineens! Samenwonen is toch bijna hetzelfde als trouwen tegenwoordig? | (What a question, just like that! Living together is almost the same as getting married nowadays, isn't it?) Show |
3. | Erik: | Misschien wel, maar om een gezin te starten zijn er toch voordelen aan trouwen. | (Maybe, but to start a family there are definitely advantages to getting married.) Show |
4. | Maria: | Zoals wat? Ik zie alleen maar dat een trouwfeest erg duur is. | (Like what? I only see that a wedding party is very expensive.) Show |
5. | Erik: | Nou ja, als iemand komt te overlijden zijn we dan beter beschermd. En bij een scheiding is het huis beter geregeld. | (Well, if someone passes away we are better protected then. And in case of a divorce the house arrangements are better.) Show |
6. | Maria: | Ja, vooral als we een kind krijgen, dan is het inderdaad een goed idee. | (Yes, especially if we have a child, then it is indeed a good idea.) Show |
7. | Erik: | Denk je dat onze relatie volwassen genoeg is? Een baby is leuk, maar die wordt ook ooit een puber. | (Do you think our relationship is mature enough? A baby is nice, but it will eventually become a teenager too.) Show |
8. | Maria: | Dat weet ik niet, we kunnen altijd eerst een huisdier proberen. | (I don’t know, we can always try a pet first.) Show |
9. | Erik: | Of gewoon het avontuur aangaan. Wie wil zwemmen, moet het zwembad in. | (Or just go on the adventure. If you want to swim, you have to get into the pool.) Show |
10. | Maria: | Haha, je hebt gelijk. Tegenwoordig gaat één op de twee stelletjes uit elkaar, maar wie niks probeert, krijgt ook niks in het leven. | (Haha, you're right. Nowadays one in two couples break up, but those who don’t try don’t get anything in life.) Show |
11. | Erik: | Dus... gaan we zoeken naar trouwlocaties? | (So... are we going to look for wedding venues?) Show |
Exercise 1: Discussion questions
Instruction: Discuss the questions after listening to the audio or reading through the text.
- Is het koppel in de tekst getrouwd?
- Heeft het koppel een kinderwens?
- Wat is het verschil tussen trouwen en samenwonen?
- Wat denk jij over trouwen?
- Wat is de scheidingsgraad in jouw land?
Is the couple in the text married?
Does the couple want to have children?
What is the difference between getting married and living together?
What do you think about getting married?
What is the divorce rate in your country?
Exercise 2: Practice in context
Instruction: Let op het gebruik van de "zou" constructie in de tekst van Niels Destadsbader