Divorziare fa soffrire
Divorziare fa soffrire

Divorziare fa soffrire

Scheiden doet lijden


België en Nederland vormden sinds 1815 één huwelijk, maar in 1830 was de scheiding al een feit. De video bespreekt dit verder.
Belgio e Paesi Bassi formarono un unico matrimonio dal 1815, ma nel 1830 la separazione era già un fatto compiuto. Il video ne parla più approfonditamente.

Esercizio 1: Immersione linguistica

Istruzione: Guarda il video e rispondi alle domande correlate.

Recupero delle tue correzioni... Per favore non chiudere ancora questa pagina.

Parola Traduzione
Gescheiden Divorziato
De scheidingspapieren I documenti di divorzio
De scheiding Il divorzio
Het huwelijk Il matrimonio
Samenvoegen Unire
De binding Il legame
Limburg was vroeger één gebied. (In passato il Limburgo era un’unica regione.)
Dit veranderde door het Verdrag van Londen. (Questo cambiò a causa del Trattato di Londra.)
In dit verdrag werd Limburg in achttienhonderd negenendertig in twee delen gesplitst: Nederlands Limburg en Belgisch Limburg. (In questo trattato, nel milleottocentotrentanove, il Limburgo fu diviso in due parti: Limburgo olandese e Limburgo belga.)
Eerder stonden België en Nederland vaak aan dezelfde kant of vochten ze tegen dezelfde vijand. (In precedenza il Belgio e i Paesi Bassi spesso stavano dalla stessa parte o combattevano contro lo stesso nemico.)
Ze vochten samen tegen Spanje in de Tachtigjarige Oorlog. (Combatterono insieme contro la Spagna nella Guerra degli Ottant’anni.)
Later werden ze allebei deel van het Franse rijk onder Napoleon. (In seguito entrarono entrambi a far parte dell’impero francese sotto Napoleone.)
Na de val van Napoleon, in achttienhonderd vijftien, werden Noord- en Zuid-Nederland samengevoegd. (Dopo la caduta di Napoleone, nel milleottocentoquindici, i Paesi Bassi del Nord e del Sud furono uniti.)
Dit gebeurde op het Congres van Wenen en koning Willem I werd de leider. (Ciò avvenne al Congresso di Vienna e il re Guglielmo I divenne il leader.)
Maar de mensen in het zuiden waren anders dan in het noorden: zij spraken vaak een andere taal en geloofden anders. (Ma le persone del sud erano diverse da quelle del nord: spesso parlavano un’altra lingua e avevano una fede diversa.)
Daarom voelde het zuiden zich niet verbonden met de koning, en in achttienhonderd eenendertig werd België onafhankelijk. (Perciò il sud non si sentiva legato al re e, nel milleottocentotrentuno, il Belgio divenne indipendente.)

1. Waardoor werd Limburg in twee delen verdeeld?

(Che cosa fece dividere il Limburgo in due parti?)

2. Waarom voelde het zuiden zich niet verbonden met koning Willem I?

(Perché il sud non si sentiva legato al re Guglielmo I?)

3. Wat gebeurde er na de val van Napoleon in achttienhonderd vijftien?

(Che cosa accadde dopo la caduta di Napoleone nel milleottocentoquindici?)

Esercizio 2: Dialogo

Istruzione: Leggi il dialogo e rispondi alle domande.

Recupero delle tue correzioni... Per favore non chiudere ancora questa pagina.

De scheiding van Limburg was net als elke scheiding: vol verlies en conflict

La separazione del Limburgo era come ogni separazione: piena di perdita e conflitto
1. Erik: Zeg, zou jij eigenlijk willen trouwen? (Dimmi, ma tu in realtà vorresti sposarti?)
2. Maria: Wat een vraag, zo ineens! Samenwonen is toch bijna hetzelfde als trouwen tegenwoordig? (Che domanda, così all’improvviso! Convivere ormai non è quasi la stessa cosa che sposarsi al giorno d’oggi?)
3. Erik: Misschien wel, maar om een gezin te stichten heeft trouwen wel voordelen. (Forse sì, ma per mettere su famiglia sposarsi ha comunque dei vantaggi.)
4. Maria: Zoals wat? Ik denk vooral aan een heel duur trouwfeest. (Tipo cosa? Io penso soprattutto a una festa di matrimonio carissima.)
5. Erik: Nou... als iemand zou sterven, zijn we beter beschermd. En bij een scheiding is het huis vaak beter geregeld. (Beh... se qualcuno morisse, saremmo più tutelati. E in caso di divorzio, la casa spesso è gestita meglio.)
6. Maria: Ja, vooral als we een kind zouden krijgen, is het inderdaad een goed idee. (Sì, soprattutto se avessimo un figlio, è davvero una buona idea.)
7. Erik: Is onze relatie volwassen genoeg, denk je? Een baby lijkt leuk, maar die wordt later ook een tiener. (La nostra relazione è abbastanza matura, secondo te? Un bebè sembra bello, ma poi diventa anche un adolescente.)
8. Maria: Dat weet ik niet. We kunnen altijd eerst een huisdier proberen. (Non lo so. Possiamo sempre provare prima con un animale domestico.)
9. Erik: Of gewoon springen. Wie wil zwemmen, moet het zwembad in. (Oppure semplicemente buttarsi. Chi vuole nuotare deve entrare in piscina.)
10. Maria: Haha, daar heb je een punt. Eén op de twee koppels scheidt tegenwoordig, maar wie niets durft, krijgt ook niets in het leven. (Ahah, su questo hai ragione. Una coppia su due al giorno d’oggi divorzia, ma chi non osa non ottiene nulla nella vita.)
11. Erik: Zo... dus we gaan beginnen met zoeken naar trouwlocaties? (Allora... cominciamo a cercare location per il matrimonio?)

1. Waarom vindt Erik trouwen handig?

(Perché Erik trova utile sposarsi?)

2. Wat stelt Maria voor voordat ze een kind nemen?

(Che cosa propone Maria prima di avere un figlio?)