Exercise 1: Language immersion
Instruction: Watch the video and answer the related questions.
| Word | Translation |
|---|---|
| De argumenten voor | Arguments for |
| De argumenten tegen | Arguments against |
| De discussie | The discussion |
| De voorzitter | The chair |
| De vergadering | The meeting |
| Wie is voor | Who supports it |
| Wie is tegen | Who opposes it |
| Het voorstel | The proposal |
1. Waarom is een vergadering soms niet effectief?
(Why is a meeting sometimes not effective?)2. Waarvoor gebruik je een flip-over in de vergadering?
(What do you use a flip chart for in the meeting?)3. Wat is een voordeel van een korte pitch van één minuut?
(What is an advantage of a short, one-minute pitch?)4. Hoe kun je snel zien wie voor of tegen een voorstel is?
(How can you quickly see who is for or against a proposal?)Exercise 2: Dialogue
Instruction: Read the dialogue and answer the questions.
Vergadering verbeteren
| 1. | Joris: | Vieve, de vergadering was gisteren weer te lang en chaotisch. | (Vieve, the meeting yesterday was once again too long and chaotic.) |
| 2. | Vieve: | Ja, dat merkte ik ook, Joris. We moeten beter vergaderen. | (Yes, I noticed that too, Joris. We need to run meetings better.) |
| 3. | Joris: | Wat denk jij? Moeten we betere afspraken maken? | (What do you think? Should we set clearer ground rules?) |
| 4. | Vieve: | Ik denk dat het voorstel niet duidelijk genoeg was voor iedereen. | (I think the proposal wasn't clear enough for everyone.) |
| 5. | Joris: | Misschien gingen daarom veel collega’s niet akkoord met de beslissing. | (Maybe that's why many colleagues disagreed with the decision.) |
| 6. | Vieve: | Ik kan notities maken, zodat iedereen kan teruglezen wat er precies gezegd is. | (I can take notes so everyone can read exactly what was said.) |
| 7. | Joris: | Dat is een goed idee. Noteer wat gezegd wordt en print het daarna voor het team. | (That's a good idea. Record what's said and then print it for the team.) |
| 8. | Vieve: | Top, ik zet de printer klaar in de vergaderzaal voor de volgende keer. | (Great — I'll have the printer ready in the meeting room for next time.) |
| 9. | Joris: | Kan ik nog iets veranderen, denk je? Zodat ik alle zaken zeker kan bespreken? | (Do you think there's anything else I should change so I can be sure to cover all items?) |
| 10. | Vieve: | Maak misschien vooraf een lijstje met de agendapunten en stuur dat vooraf naar iedereen. | (Maybe make a short list of the agenda items beforehand and send it to everyone.) |
| 11. | Joris: | Dat is heel goed, dat ga ik doen. Dank je wel voor jouw adviezen. | (That's very good; I'll do that. Thanks for your advice.) |
| 12. | Vieve: | Geen probleem, ik ben blij dat ik kan helpen. | (No problem, I'm happy to help.) |
1. Wat is het probleem met de vergadering van gisteren?
(What was the problem with yesterday's meeting?)2. Waarom gingen veel collega’s niet akkoord met de beslissing?
(Why did many colleagues not agree with the decision?)Exercise 3: Practice in context
Instruction: Bekijk de video en leg in je eigen woorden uit hoe je de vraag "wat hebben we nu eigenlijk besloten" te vermijden.