A2.9.1 - A new identity card
Een nieuwe identiteitskaart
Exercise 1: Language immersion
Instruction: Recognize the indicated vocabulary in the video.
| Word | Translation |
|---|---|
| Een identiteitskaart | An ID card |
| De afspraak | The appointment |
| Het gemeentehuis | The town hall |
| Via de website van de gemeente | Via the municipality website |
| De geldige pasfoto | A valid passport photo |
| Het verlopen paspoort | The expired passport |
| Je pinpas meenemen | Bring your debit card |
| Het toestemmingsformulier | The consent form |
| Het formulier invullen | Complete the form |
| Het formulier ondertekenen | Sign the form |
| Met spoed aanvragen | Apply urgently |
| Als je een nieuwe identiteitskaart nodig hebt, maak je een afspraak bij het gemeentehuis. | (If you need a new ID card, make an appointment at the town hall.) |
| Je maakt de afspraak via de website van de gemeente. | (You make the appointment through the municipality website.) |
| Neem een geldige pasfoto, je paspoort of identiteitskaart mee. | (Bring a valid passport photo and your passport or ID card.) |
| Vergeet je pinpas niet, of betaal contant bij de balie. | (Don’t forget your debit card, or pay in cash at the counter.) |
| De nieuwe identiteitskaart kost zeventig euro en is tien jaar geldig. | (The new ID card costs seventy euros and is valid for ten years.) |
| Ben je jonger dan twaalf jaar, dan ga je met je ouders naar het gemeentehuis. | (If you are under twelve, you go to the town hall with your parents.) |
| Je ouders vullen een toestemmingsformulier in en nemen een geldig identiteitsbewijs mee. | (Your parents complete a consent form and bring a valid identity document.) |
| Je krijgt de nieuwe kaart binnen zeven dagen. | (You will receive the new card within seven days.) |
| Heb je de kaart sneller nodig, dan kun je die met spoed aanvragen. | (If you need the card sooner, you can request it urgently.) |
| Bij een spoedaanvraag ligt de kaart na twee werkdagen voor je klaar. | (With an urgent request the card will be ready after two working days.) |
Comprehension questions:
-
Hoe maak je een afspraak om een nieuwe identiteitskaart aan te vragen?
(How do you make an appointment to apply for a new ID card?)
-
Welke documenten moet je meenemen als je een nieuwe identiteitskaart aanvraagt? Noem minstens twee dingen.
(Which documents should you bring when applying for a new ID card? Name at least two.)
-
Wat is het verschil tussen een gewone aanvraag en een spoedaanvraag van een identiteitskaart?
(What is the difference between a standard application and an urgent application for an ID card?)
Exercise 2: Dialogue
Instruction: Read the dialogue and answer the questions.
Een nieuwe identiteitskaart aanvragen
| 1. | Robin: | Hé zus, ik wil een nieuwe identiteitskaart aanvragen. Heb jij ervaring met hoe dat werkt? | (Hey sis, I want to apply for a new ID card. Do you know how it works?) |
| 2. | Dania: | Ja, natuurlijk! Je maakt eerst een afspraak bij het gemeentehuis. Dat kan via de website van de gemeente. | (Yes, of course. First you make an appointment at the town hall. You can do that on the municipality's website.) |
| 3. | Robin: | Dat klinkt simpel. En wat moet ik meenemen naar de afspraak? | (That sounds simple. What do I need to bring to the appointment?) |
| 4. | Dania: | Je moet een recente pasfoto meenemen, en ook je oude paspoort of identiteitskaart. Vergeet je pinpas niet! | (Bring a recent passport photo and your old passport or ID card. Don't forget your debit card!) |
| 5. | Robin: | Mijn oude identiteitskaart is verlopen. Kan ik die ook meenemen? | (My old ID card has expired. Can I still bring it?) |
| 6. | Dania: | Ja, je kunt je verlopen paspoort of identiteitskaart meenemen. Je kunt deze informatie ook gemakkelijk online vinden. | (Yes, you can bring an expired passport or ID card. You can also find this information easily online.) |
| 7. | Robin: | Goed om te weten, maar het is makkelijker om het aan jou te vragen. | (Good to know, but it's easier to ask you.) |
| 8. | Dania: | Is goed. Normaal krijg je de kaart binnen zeven dagen, of met spoed binnen twee werkdagen. | (Okay. Normally you get the card within seven days, or within two working days if you request it urgently.) |
| 9. | Robin: | Bedankt, dat zou ik niet zo snel online vinden. Daar heb ik dus een zus voor. | (Thanks, I wouldn't have found that online so quickly. That's what a sister is for.) |
| 10. | Dania: | Graag gedaan, dat zal ik onthouden. | (You're welcome — I'll remember that.) |
1. Wat wil Robin doen?
(What does Robin want to do?)2. Waar moet Robin een afspraak maken?
(Where does Robin need to make an appointment?)Exercise 3: Open conversation questions
Instruction: Answer the questions and correct with your teacher.
-
U woont sinds kort in Nederland en uw identiteitskaart verloopt bijna. Wat doet u om een nieuwe kaart aan te vragen? Noem twee stappen.
You recently moved to the Netherlands and your ID card is about to expire. What do you do to apply for a new one? Name two steps.
__________________________________________________________________________________________________________
-
U belt het gemeentehuis voor een afspraak voor een identiteitskaart, maar u kunt alleen na werktijd komen. Wat zegt u tegen de ambtenaar over uw beschikbare tijden?
You call the town hall to make an appointment for an ID card, but you can only come outside office hours. What do you tell the clerk about your availability?
__________________________________________________________________________________________________________
-
U gaat naar het gemeentehuis en merkt dat u een belangrijk document bent vergeten. Wat zegt u bij de balie en wat doet u daarna?
You go to the town hall and realize you forgot an important document. What do you say at the counter, and what do you do next?
__________________________________________________________________________________________________________
-
U heeft een nieuwe baan gevonden. Welke papieren moet u in Nederland volgens u regelen voordat u gaat werken? Noem één of twee dingen.
You have found a new job. Which documents do you think you need to arrange in the Netherlands before you start working? Name one or two things.
__________________________________________________________________________________________________________
Practise this dialogue with a real teacher!
This dialogue is part of our learning materials. During our conversation classes, you practise the situations with a teacher and other students.
- Implements CEFR, DELE exam and Cervantes guidelines
- Supported by the university of Siegen