Übung 1: Ein Wort zuordnen
Anleitung: Ordne jeden Anfang mit dem richtigen Ende zu.
Übung 2: Prüfungsvorbereitung
Anleitung: Lies den Text, fülle die Lücken mit den fehlenden Wörtern und beantworte die untenstehenden Fragen.
Opening nieuwe kledingwinkel in Utrecht
Fülle die Lücken aus: pak, kledingwinkel, paskamer, rok, maten, overhemd, maat, passen, spijkerbroek, jassen
(Eröffnung eines neuen Bekleidungsgeschäfts in Utrecht)
Volgende week opent een nieuwe in het centrum van Utrecht. In de winkel kun je broeken, T-shirts, truien en kopen. De winkel heeft ook nette kleding voor op kantoor, zoals een en een . De lopen van 34 tot en met 46.
Bij de ingang helpt een verkoopster je met je . Je zegt wat je zoekt, bijvoorbeeld een of een . Zij zoekt dan kleding voor jou. In de kun je de kleding . Vind je de broek te groot of te klein? Dan haalt de verkoopster een andere maat voor je. Als de kleding goed zit, kun je bij de kassa met pin betalen.Nächste Woche eröffnet ein neues Bekleidungsgeschäft im Zentrum von Utrecht. Im Geschäft kannst du Hosen, T‑Shirts, Pullover und Jacken kaufen. Das Geschäft bietet auch elegante Kleidung fürs Büro, wie einen Anzug und ein Hemd. Die Größen reichen von 34 bis 46.
Am Eingang hilft dir eine Verkäuferin bei deiner Größe. Du sagst, was du suchst, zum Beispiel einen Rock oder eine Jeans. Sie sucht dann passende Kleidung für dich. In der Umkleidekabine kannst du die Kleidung anprobieren. Findest du die Hose zu groß oder zu klein? Dann holt die Verkäuferin eine andere Größe für dich. Wenn die Kleidung gut sitzt, kannst du an der Kasse mit Karte bezahlen.
Übung 3: Hören Sie zu und beantworten Sie die Fragen
Anleitung: Hören Sie sich die Audiofragmente an und wählen Sie die richtige Antwort auf die Fragen.
Wat wil de vrouw precies kopen?
Voor wie is de trui bedoeld?
Übung 4: Mehrfachauswahl
Anleitung: Wählen Sie die richtige Lösung
1. Ik ___ de broek, maar hij zit niet goed.
(Ich ___ die Hose an, aber sie sitzt nicht gut.)2. Kunt u deze jas in maat M voor mij ___?
(Können Sie diese Jacke in Größe M für mich ___?)3. In de winter ___ ik altijd een muts en zij draagt een warme trui.
(Im Winter ___ ich immer eine Mütze und sie trägt einen warmen Pullover.)Übung 5: Dialogkarten
Anleitung: Übe das Gespräch mit deinem Lehrer oder deinen Mitschülern.
Übung 6: Auf die Situation reagieren
Anleitung: Übe zu zweit oder mit deiner Lehrkraft.
1. Je bent in een kledingwinkel. Je zoekt een nette broek voor je werk. Vraag naar jouw maat en of ze die hebben. (Gebruik: de broek, de maat, alstublieft)
(Je bent in een kledingwinkel. Je zoekt een nette broek voor je werk. Vraag naar jouw maat en of ze die hebben. (Gebruik: de broek, de maat, alstublieft))Ik zoek een
(Ik zoek een ...)Beispiel:
Ik zoek een nette broek in mijn maat, alstublieft. Heeft u die?
(Ik zoek een nette broek in mijn maat, alstublieft. Heeft u die?)2. Je past een T-shirt in de winkel, maar het is te klein. Zeg dit tegen de verkoper en vraag om een andere maat. (Gebruik: het T-shirt, te klein, een andere maat)
(Je past een T-shirt in de winkel, maar het is te klein. Zeg dit tegen de verkoper en vraag om een andere maat. (Gebruik: het T-shirt, te klein, een andere maat))Dit T-shirt is
(Dit T-shirt is ...)Beispiel:
Dit T-shirt is te klein. Heeft u een andere maat, alstublieft?
(Dit T-shirt is te klein. Heeft u een andere maat, alstublieft?)Übung 7: Korrespondenz verfassen
Anleitung: Schreibe eine Antwort auf folgende Nachricht, die der Situation angemessen ist.
Hallo! Met Sanne van kledingwinkel Modehoek (Kalverstraat).
Je was net bij ons voor een spijkerbroek en een jas. Ik heb even gekeken: de spijkerbroek is er nog in maat 38 en 40. De jas in maat 38 is nu uitverkocht, maar we krijgen morgen nieuwe.
Wil je langskomen om te passen? Dan leg ik het voor je apart.
Groet, Sanne
Hallo! Hier ist Sanne von Bekleidungsgeschäft Modehoek (Kalverstraat).
Du warst gerade bei uns wegen einer Jeans und einer Jacke. Ich habe kurz nachgeschaut: Die Jeans ist noch in Größe 38 und 40 vorhanden. Die Jacke in Größe 38 ist jetzt ausverkauft, aber wir bekommen morgen neue.
Möchtest du vorbeikommen, um sie anzuprobieren? Dann lege ich sie für dich beiseite.
Gruß, Sanne
Nützliche Redewendungen:
-
Heeft u de … in maat …?
(Haben Sie die … in Größe …?)
-
Kan ik het vandaag (even) passen?
(Kann ich sie heute (kurz) anprobieren?)
-
Kunt u het voor mij apart leggen, alstublieft?
(Können Sie sie bitte für mich beiseitelegen?)
Hallo Sanne, danke dir. Haben Sie die Jacke morgen auch wieder in Größe 38? Ich möchte gerne die Jeans in Größe 38 anprobieren. Kann ich heute Nachmittag um 16:30 vorbeikommen? Können Sie die Jeans für mich beiseitelegen? Gruß, Amir