Nederland heeft de mijlpaal bereikt van 18 miljoen inwoners. In deze video wordt stilgestaan bij de groei van de bevolking en wat dit betekent voor het land..
Die Niederlande haben den Meilenstein von 18 Millionen Einwohnern erreicht. In diesem Video wird auf das Bevölkerungswachstum eingegangen und was dies für das Land bedeutet.

Übung 1: Sprachimmersion

Anleitung: Sehen Sie sich das Video an und beantworten Sie die zugehörigen Fragen.

Wort Übersetzung
De inwoner Der Einwohner
De bevolking Die Bevölkerung
Geboren worden geboren werden
Komen kommen
De stad die Stadt
Het land das Land
Een mijlpaal: Nederland heeft in totaal achttien miljoen inwoners. (Ein Meilenstein: Die Niederlande haben insgesamt achtzehn Millionen Einwohner.)
In acht jaar ging Nederland van zeventien naar achttien miljoen inwoners. (In acht Jahren stieg die Einwohnerzahl der Niederlande von siebzehn auf achtzehn Millionen.)
Dat was twee keer zo snel als bij het vorige miljoen erbij. (Das ging doppelt so schnell wie beim vorherigen zusätzlichen Millionenschritt.)
Er worden niet veel meer baby’s geboren. (Es werden nicht viel mehr Babys geboren.)
De groei komt vooral door migranten die naar Nederland komen. (Das Wachstum kommt vor allem durch Migranten, die in die Niederlande kommen.)
Het aantal mensen dat niet in Nederland is geboren, groeit sneller. (Die Zahl der Menschen, die nicht in den Niederlanden geboren wurden, wächst schneller.)
De bevolking wordt diverser en ouder. (Die Bevölkerung wird vielfältiger und älter.)
De gemiddelde leeftijd is nu tweeënveertig komma zes jaar. (Das Durchschnittsalter liegt jetzt bei 42,6 Jahren.)
De meeste mensen wonen in de Randstad. (Die meisten Menschen leben in der Randstad.)
Aan de randen van het land is de groei veel kleiner en krimpen sommige plaatsen zelfs. (An den Rändern des Landes ist das Wachstum deutlich geringer und einige Orte schrumpfen sogar.)

1. Hoeveel inwoners heeft Nederland nu in totaal?

(Wie viele Einwohner haben die Niederlande jetzt insgesamt?)

2. Waardoor groeit de bevolking van Nederland vooral?

(Wodurch wächst die Bevölkerung der Niederlande hauptsächlich?)

3. Waar wonen de meeste mensen in Nederland?

(Wo leben die meisten Menschen in den Niederlanden?)

4. Wat gebeurt er met de Nederlandse bevolking?

(Was passiert mit der niederländischen Bevölkerung?)

Übung 2: Dialog

Anleitung: Lesen Sie den Dialog und beantworten Sie die Fragen.

Waar kom je vandaan?

Woher kommst du?
1. Edward: Hallo, waar kom je vandaan? (Hallo, woher kommst du?)
2. Laura: Ik kom uit Spanje. En jij? (Ich komme aus Spanien. Und du?)
3. Edward: Ik kom uit Nederland. (Ich komme aus den Niederlanden.)
4. Laura: Leuk! In welke stad woon je? (Schön! In welcher Stadt wohnst du?)
5. Edward: Ik woon in Amsterdam. En jij? (Ich wohne in Amsterdam. Und du?)
6. Laura: Ik woon in Valencia. (Ich wohne in Valencia.)
7. Edward: Leuk. Hoeveel inwoners heeft Spanje eigenlijk? (Schön. Wie viele Einwohner hat Spanien eigentlich?)
8. Laura: Spanje heeft ongeveer 48 miljoen inwoners. En Nederland? (Spanien hat ungefähr 48 Millionen Einwohner. Und die Niederlande?)
9. Edward: O, dat is veel. Nederland heeft ongeveer 18 miljoen inwoners. (Oh, das ist viel. Die Niederlande haben ungefähr 18 Millionen Einwohner.)

1. Lees de dialoog. Waar komt Laura vandaan?

(Lies den Dialog. Woher kommt Laura?)

2. Wat is de nationaliteit van Edward? Kies het beste antwoord.

(Was ist Edwards Staatsangehörigkeit? Wähle die beste Antwort.)