le présent indique une action possible ou une suggestion, tandis que le passé influence le présent ou le futur.

(De tegenwoordige tijd geeft een mogelijke handeling of een suggestie aan, terwijl de verleden tijd het heden of de toekomst beïnvloedt.)

Wanneer gebruik je deze ‘si’-structuur?

Deze vormen gebruik je voor een reële voorwaarde: iets dat echt mogelijk is (nu of later), of een reële oorzaak in het verleden met een gevolg in het heden/toekomst.

  • Nu/algemeen: “Als dit gebeurt, dan gebeurt dat.”
  • Toekomst: “Als dit gebeurt, dan zal dat gebeuren.”
  • Uitnodiging/advies: “Als dit zo is, doe dan dit.”
  • Verleden → gevolg nu/later: “Als dat gebeurd is, dan … (nu/later).”

De kernregel (waar je het vaakst op struikelt)

Na si gebruik je nooit het futur (toekomende tijd) of de impératif (gebiedende wijs).

Na si Voorbeeld
présent Si tu viens, nous irons au théâtre.
passé composé (voor “als … gebeurd is”) Si tu as acheté des billets, tu les recevras demain.
futur (fout) Si tu viendras, nous irons au théâtre.

Welke tijd gebruik je in de tweede zin?

De tijd in het tweede deel (de “gevolg-zin”) kies je op basis van wat je bedoelt.

Betekenis Structuur Voorbeeld
Routine / algemene waarheid Si + présent → présent Si je finis tôt, je rentre à pied.
Toekomstig gevolg Si + présent → futur Si vous validez le budget, on signera demain.
Advies / voorstel / uitnodiging Si + présent → impératif Si tu as une minute, appelle-moi.
Verleden als oorzaak (gevolg nu) Si + passé composé → présent Si elle est sortie, elle est fatiguée.
Verleden als oorzaak (gevolg later) Si + passé composé → futur Si vous avez envoyé le dossier, je vous répondrai ce soir.
Verleden als aanleiding voor een actie nu Si + passé composé → impératif Si vous avez aimé la pièce, revenez la semaine prochaine.

Woordvolgorde en komma: zo blijft je zin helder

  • Si-zin eerst: komma is gebruikelijk.
    Si tu viens, nous irons au théâtre.
  • Gevolgzin eerst: meestal geen komma.
    Nous irons au théâtre si tu viens.

Tip: Zet de belangrijkste informatie vooraan (handig in gesprekken en op het werk).

Snelle zelfcheck (30 seconden)

  1. Is de situatie reëel/mogelijk (geen “wat als…”-fantasie)?
  2. Na si: staat het werkwoord in présent of passé composé?
  3. In de tweede zin: kies ik bewust présent (nu/algemeen), futur (later) of impératif (advies/uitnodiging)?
  4. Heb ik per ongeluk futur na si gebruikt?

Veelgemaakte fout bij Nederlandstaligen

In het Nederlands kan “als je zal komen” soms informeel voorkomen. In het Frans is dat bijna altijd fout.

  • Correct: Si tu viens, on prend un verre après.
  • Fout: Si tu viendras, on prend un verre après.
  1. Om een voorwaarde bij een reële handeling uit te drukken, gebruiken we Si + présent de l'indicatif + présent, futur of impératif.
  2. Om een voorwaarde bij een reële handeling in het verleden uit te drukken, gebruiken we Si + passé composé + présent, futur of impératif.
StructureExemple (Voorbeeld)
Présent + présentSi tu es d'accord, je m'occupe de la mise en scène.  (Als je het eens bent, zorg ik voor de regie. )
Présent + futurSi tu viens, nous irons du théâtre. (Als je komt, gaan we naar het theater.)
Présent + Impératif Si tu veux, viens au théâtre avec moi. (Als je wilt, kom met mij mee naar het theater.)
Passé composé + présentSi elle est sortie, elle est fatiguée. (Als ze weg is gegaan, is ze moe.)
Passé composé + impératifSi vous avez aimé la pièce, venez à la prochaine. (Als u het stuk leuk vond, kom dan naar het volgende.)
Passé composé + futurSi tu as acheté des tickets, tu les recevras demain. (Als je tickets hebt gekocht, krijg je ze morgen.)

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1. Si tu ____ d'accord, je m'occupe de la mise en scène.

Als je het ____ eens bent, zorg ik voor de regie.

2. Si tu ____, nous irons boire un verre après la pièce.

Als je ____, gaan we na het stuk iets drinken.

3. Si vous ____, venez applaudir les comédiens à la fin.

Als jullie ____, kom dan aan het einde de acteurs applaudisseren.

4. Si tu ____, tu les recevras demain par e-mail.

Als je ____, ontvang je ze morgen per e-mail.

Oefening 2: Herschrijf de zinnen

Instructie: Herschrijf elk paar zinnen als één voorwaardelijke zin beginnend met «Als...» en vervoeg de werkwoorden correct (tegenwoordige tijd + tegenwoordige tijd/toekomende tijd/gebiedende wijs of voltooid tegenwoordige tijd + tegenwoordige tijd/toekomende tijd/gebiedende wijs).

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Hint Hint (Si) Tu es d’accord. Je m’occupe de la réservation des places.
    ⇒ ____________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Si tu es d’accord, je m’occupe de la réservation des places.
    (Als je akkoord bent, zorg ik voor de reservering van de plaatsen.)
  2. Hint Hint (Si) Tu viens à la réunion ce soir. Nous irons au théâtre après.
    ⇒ ____________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Si tu viens à la réunion ce soir, nous irons au théâtre après.
    (Als je vanavond naar de vergadering komt, gaan we daarna naar het theater.)
  3. Hint Hint (Si) Tu veux m’accompagner. Viens au théâtre avec moi.
    ⇒ ____________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Si tu veux m’accompagner, viens au théâtre avec moi.
    (Als je me wilt vergezellen, kom met me mee naar het theater.)
  4. Hint Hint (Si) Elle est sortie tard. Elle est fatiguée ce matin.
    ⇒ ____________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Si elle est sortie tard, elle est fatiguée ce matin.
    (Als ze laat is uitgegaan, is ze vanmorgen moe.)

Oefening 3: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste zin.

Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.

1.
Na « si » gebruikt men niet de toekomende tijd: men zegt « si tu viens ». De toekomende tijd na « si » is een veelvoorkomende fout.
2.
Na « si » in de passé composé is het onhandig om de toekomende tijd te gebruiken om een bevel uit te drukken; de gebiedende wijs is hier de natuurlijke vorm voor een uitnodiging.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Oscar Figueiral Marques

Meester

Université de Poitiers

University_Logo

Frankrijk


Laatst bijgewerkt:

zondag, 31/05/2026 15:20