Wortschatz (16)

De berg

De berg Anzeigen

Der Berg Anzeigen

Het bos

Het bos Anzeigen

Der Wald Anzeigen

Het natuurgebied

Het natuurgebied Anzeigen

Das Naturschutzgebiet Anzeigen

Het meer

Het meer Anzeigen

Der See Anzeigen

De rivier

De rivier Anzeigen

Der Fluss Anzeigen

De waterval

De waterval Anzeigen

Der Wasserfall Anzeigen

De top

De top Anzeigen

Der Gipfel Anzeigen

De route

De route Anzeigen

Die Route Anzeigen

De wandelschoenen

De wandelschoenen Anzeigen

Die Wanderschuhe Anzeigen

De wandelreis

De wandelreis Anzeigen

Die Wanderung Anzeigen

Omlaag

Omlaag Anzeigen

Hinunter Anzeigen

Stappen

Stappen Anzeigen

Laufen Anzeigen

Beschrijven

Beschrijven Anzeigen

Beschreiben Anzeigen

Gemakkelijk

Gemakkelijk Anzeigen

Einfach Anzeigen

Moeilijk

Moeilijk Anzeigen

Schwierig Anzeigen

Zich ontspannen (sich entspannen)

Onvoltooid toekomende tijd (OTTk)


(ik) zal me ontspannen
(jij/je) zult je ontspannen
(hij/zij/ze/het) zal zich ontspannen
(wij/we) zullen ons ontspannen
(jullie) zullen je ontspannen
(zij/ze) zullen zich ontspannen

Stappen (gehen)

Onvoltooid verleden tijd (OVT)


(ik) stapte
(jij/je) stapte
(hij/zij/ze/het) stapte
(wij/we) stapten
(jullie) stapten
(zij/ze) stapten