1. Sprachimmersion

2. Wortschatz (12)

De afspraak

De afspraak Anzeigen

Der Termin Anzeigen

De baan

De baan Anzeigen

Der Job Anzeigen

De ambtenaar

De ambtenaar Anzeigen

Der Beamte Anzeigen

Het document

Het document Anzeigen

Das Dokument Anzeigen

De inschrijving

De inschrijving Anzeigen

Die Anmeldung Anzeigen

De verplichting

De verplichting Anzeigen

Die Verpflichtung Anzeigen

De werkloosheid

De werkloosheid Anzeigen

Die Arbeitslosigkeit Anzeigen

Het stadhuis

Het stadhuis Anzeigen

Das Rathaus Anzeigen

De werkvergunning

De werkvergunning Anzeigen

Die Arbeitserlaubnis Anzeigen

Verzekerd

Verzekerd Anzeigen

Versichert Anzeigen

Aanvragen

Aanvragen Anzeigen

Beantragen Anzeigen

4. Übungen

Übung 1: Prüfungsvorbereitung

Anleitung: Lies den Text, fülle die Lücken mit den fehlenden Wörtern und beantworte die untenstehenden Fragen.


Brief van de gemeente over werk en verzekering

Wörter zu verwenden: EU, ingeschreven, stadhuis, verzekerd, werkvergunning, documenten, werkloosheid, baan, afspraak, verplichting

(Brief der Gemeinde über Arbeit und Versicherung)

Geachte heer Van Dijk,

U staat sinds 1 mei in onze gemeente. Daarom informeren wij u over een belangrijke . Als u een heeft in Nederland, moet u sociaal zijn. Bewaar altijd de van uw werkgever. Als u uw werk verliest, kunt u misschien een uitkering voor aanvragen. U maakt dan een bij het UWV en neemt uw identiteitskaart, arbeidscontract en loonstroken mee.

Bent u nieuw in Nederland en komt u van buiten de ? Dan heeft u misschien een nodig. Controleer dit goed op de website van de overheid. Print de formulieren uit, vul ze rustig in en bewaar een kopie. Neem alles mee naar het als de ambtenaar daarom vraagt.
Sehr geehrter Herr Van Dijk,

Sie sind seit dem 1. Mai in unserer Gemeinde gemeldet. Deshalb informieren wir Sie über eine wichtige Verpflichtung. Wenn Sie in den Niederlanden eine Beschäftigung haben, müssen Sie sozialversichert sein. Bewahren Sie stets die Unterlagen Ihres Arbeitgebers auf. Wenn Sie Ihre Arbeit verlieren, können Sie möglicherweise Arbeitslosengeld beantragen. Vereinbaren Sie dann einen Termin beim UWV und bringen Sie Ihren Ausweis, den Arbeitsvertrag und die Gehaltsabrechnungen mit.

Sind Sie neu in den Niederlanden und kommen Sie von außerhalb der EU? Dann benötigen Sie unter Umständen eine Arbeitserlaubnis. Prüfen Sie das sorgfältig auf der Website der Regierung. Drucken Sie die Formulare aus, füllen Sie sie in Ruhe aus und bewahren Sie eine Kopie auf. Bringen Sie alles mit ins Rathaus, wenn der Sachbearbeiter danach fragt.

  1. Waarom schrijft de gemeente deze brief aan meneer Van Dijk?

    (Warum schreibt die Gemeinde diesen Brief an Herrn Van Dijk?)

  2. Wat moet je meenemen naar het UWV als je een uitkering wilt aanvragen?

    (Was muss man zum UWV mitbringen, wenn man eine Leistung beantragen möchte?)

  3. Moet jij in jouw situatie ook een werkvergunning hebben? Leg kort uit waarom wel of niet.

    (Müssen Sie in Ihrer Situation ebenfalls eine Arbeitserlaubnis haben? Erklären Sie kurz, warum ja oder nein.)

Übung 2: Mehrfachauswahl

Anleitung: Wählen Sie die richtige Lösung

1. Vorige maand ___ ik al mijn documenten en ging ik naar het stadhuis voor een afspraak over mijn werkvergunning.

(Letzten Monat ___ ich alle meine Dokumente und ging zum Rathaus, um einen Termin wegen meiner Arbeitserlaubnis zu vereinbaren.)

2. Toen ik werkloos werd, ___ de ambtenaren mijn dossier en legden ze rustig alle verplichtingen uit.

(Als ich arbeitslos wurde, ___ die Beamten meine Akte und erklärten ruhig alle Verpflichtungen.)

3. Vorige week ___ ik online een afspraak aan te vragen, maar het systeem werkte niet goed.

(Letzte Woche ___ ich online einen Termin zu beantragen, aber das System funktionierte nicht richtig.)

4. Bij mijn inschrijving op het gemeentehuis ___ de medewerkers mij duidelijk uit te leggen welke verzekeringen verplicht waren.

(Bei meiner Anmeldung im Rathaus ___ die Mitarbeiter mir deutlich zu erklären, welche Versicherungen verpflichtend waren.)

Übung 3: Dialogkarten

Anleitung: Wähle eine Situation aus und übe das Gespräch mit deinem Lehrer oder deinen Mitschülern.

Übung 4: Auf die Situation reagieren

Anleitung: Übe zu zweit oder mit deiner Lehrkraft.

1. Je belt met een medewerker van het stadhuis. Je wilt een afspraak maken voor jouw inschrijving in de gemeente. Leg kort uit waarom je een afspraak nodig hebt. (Gebruik: de afspraak, inschrijven, langskomen)

(Du rufst bei einem Mitarbeiter des Rathauses an. Du möchtest einen Termin für deine Anmeldung in der Gemeinde vereinbaren. Erkläre kurz, warum du einen Termin brauchst. (Verwende: de afspraak, inschrijven, langskomen))

Ik wil graag  

(Ik wil graag ...)

Beispiel:

Ik wil graag een afspraak maken, omdat ik mij in de gemeente wil inschrijven en ik daarvoor moet langskomen.

(Ik wil graag een afspraak maken, omdat ik mij in de gemeente wil inschrijven en ik daarvoor moet langskomen.)

2. Je praat met een nieuwe collega over jouw vorige baan. Hij vraagt waarom je nu in Nederland werkt. Vertel kort iets over jouw oude baan en waarom je nu hier werkt. (Gebruik: de baan, werken, leuk vinden)

(Du sprichst mit einer neuen Kollegin / einem neuen Kollegen über deine vorherige Arbeit. Er fragt, warum du jetzt in den Niederlanden arbeitest. Erzähle kurz etwas über deinen alten Job und warum du jetzt hier arbeitest. (Verwende: de baan, werken, leuk vinden))

Mijn vorige baan  

(Mijn vorige baan ...)

Beispiel:

Mijn vorige baan was in mijn land. Nu heb ik hier een baan in Nederland, omdat ik het werk leuk vind en hier wil blijven.

(Mijn vorige baan was in mijn land. Nu heb ik hier een baan in Nederland, omdat ik het werk leuk vind en hier wil blijven.)

3. Je hebt een afspraak bij een ambtenaar op het stadhuis. Je begrijpt niet goed welk document je moet meenemen voor jouw werkvergunning. Vraag om uitleg en vertel wat je al hebt. (Gebruik: de ambtenaar, het document, nodig hebben)

(Du hast einen Termin bei einer Sachbearbeiterin / einem Sachbearbeiter im Rathaus. Du verstehst nicht genau, welches Dokument du für deine Arbeitserlaubnis mitbringen musst. Bitte um eine Erklärung und sage, was du bereits hast. (Verwende: de ambtenaar, het document, nodig hebben))

Ik wil aan  

(Ik wil aan ...)

Beispiel:

Ik wil aan de ambtenaar vragen welk document ik precies nodig heb voor mijn werkvergunning, want ik heb nu alleen mijn paspoort en mijn contract bij mij.

(Ik wil aan de ambtenaar vragen welk document ik precies nodig heb voor mijn werkvergunning, want ik heb nu alleen mijn paspoort en mijn contract bij mij.)

4. Je belt met de gemeente over jouw inschrijving. Je vraagt of je al verzekerd moet zijn, en wat je verder nog moet doen. Leg jouw situatie kort uit. (Gebruik: de inschrijving, verzekerd zijn, verplicht)

(Du rufst bei der Gemeinde wegen deiner Anmeldung an. Du fragst, ob du schon versichert sein musst und was du sonst noch tun musst. Erkläre kurz deine Situation. (Verwende: de inschrijving, verzekerd zijn, verplicht))

Voor mijn inschrijving  

(Voor mijn inschrijving ...)

Beispiel:

Voor mijn inschrijving wil ik vragen of ik al verzekerd moet zijn, en welke dingen nog verplicht zijn voordat ik klaar ben bij de gemeente.

(Voor mijn inschrijving wil ik vragen of ik al verzekerd moet zijn, en welke dingen nog verplicht zijn voordat ik klaar ben bij de gemeente.)

Übung 5: Schreibübung

Anleitung: Schreiben Sie 5 oder 6 Sätze darüber, welche Formalitäten Sie in den Niederlanden für Arbeit, Versicherung oder Aufenthalt regeln mussten oder noch regeln müssen und was Sie dafür tun oder mitbringen mussten.

Nützliche Ausdrücke:

Ik moest een afspraak maken bij … / Ik heb het formulier online ingevuld. / Ik moest deze documenten meenemen: … / Dit vond ik makkelijk/moeilijk omdat …

Oefening 6: Gesprächsübung

Instructie:

  1. Beschrijf wat de mensen doen in de scènes. (Beschreiben Sie, was die Personen in den Szenen tun.)
  2. Stel je voor dat je een werkvergunning, een burgerservicenummer (BSN) of een belastingcode moet aanvragen. Schrijf drie dingen op die je onlangs hebt gedaan om je voor te bereiden op deze bureaucratische procedures. (Stellen Sie sich vor, Sie müssen Ihre Arbeitserlaubnis, Sozialversicherung oder Steueridentifikationsnummer beantragen. Schreiben Sie drei Dinge auf, die Sie kürzlich unternommen haben, um sich auf diese bürokratischen Verfahren vorzubereiten.)

Unterrichtsrichtlinien +/- 10 Minuten

Beispielsätze:

Ik heb al een nummertje genomen; ik hoef alleen nog maar op mijn beurt te wachten.

Ich habe bereits eine Nummer gezogen; ich muss nur auf meinen Turn warten.

Ben jij de laatste in de rij?

Sind Sie der Letzte in der Warteschlange?

Hoe lang duurt het proces om de werkvergunning te verkrijgen?

Wie lange dauert der Prozess, um die Arbeitserlaubnis zu erhalten?

Hij heeft zijn aanvraag voor de werkvergunning ingediend.

Er hat seinen Antrag auf die Arbeitserlaubnis eingereicht.

Hij heeft een afspraak gemaakt om haar documenten van de sociale zekerheid te regelen.

Er hat einen Termin gemacht, um ihre Sozialversicherungsdokumente zu besorgen.

Je moet je identiteitskaart en belastingcode meenemen.

Sie müssen Ihren Personalausweis und Ihre Steuernummer mitbringen.

U moet het formulier invullen en uw identiteitsbewijs meenemen.

Sie müssen das Formular ausfüllen und Ihren Personalausweis mitbringen.

...