A2.43 - Thuiswerken of naar kantoor?
A2.43 - Thuiswerken of naar kantoor?

A2.43 - Thuiswerken of naar kantoor? - Spreken

Fernarbeit oder das Büro?


Übung: Gespreksoefening

  1. Arbeitest du remote, vor Ort oder beides? (Werk je op afstand, op locatie of beide?)
  2. Teile deine Meinung zur Fernarbeit mit. (Geef je mening over werken op afstand.)
  3. Bevorzugen Sie Videokonferenzen oder persönliche Meetings? (Heeft u liever videogesprekken of vergaderingen in persoon?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten