Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

klar — gut zu sehen (klar — goed zichtbaar)
deutlich — leicht zu verstehen (deutlich — makkelijk te begrijpen)
beobachten — genau anschauen (beobachten — nauwkeurig bekijken)
der Norden — oben auf der Karte (der Norden — boven op de kaart)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Hinweisblatt: Orientierung auf dem Campingplatz

Vul de lege plekken in: nördlich, klarem, Sterne, GPS, Süden, Westen, Mond, beobachten, Osten

(Infoblad: Oriëntatie op de camping)

Willkommen auf dem Campingplatz Sonnenwald. Bitte melden Sie sich zuerst an der Rezeption. Für Zelte empfehlen wir die Wiese am See. Dort ist es abends ruhig, und Sie können bei Himmel den und die gut . Offenes Feuer ist nur an der Feuerstelle erlaubt; Grillen ist auf dem eigenen Platz möglich.

Orientierung: Am Eingang finden Sie eine große Übersichtskarte. Der Zeltbereich liegt vom Spielplatz, die Duschen sind im neben dem Hauptgebäude. Wenn Sie zum See wollen, gehen Sie zuerst nach , dann links Richtung . Es wird nach 22 Uhr dunkel, also benutzen Sie eine Taschenlampe oder Ihr . Bitte bleiben Sie auf den Wegen.
Welkom op camping Sonnenwald (Beiers Woud). Meld u zich eerst alstublieft bij de receptie. Voor tenten raden we het grasveld bij het meer aan. Daar is het ’s avonds rustig en kunt u bij een heldere hemel de maan en de sterren goed bekijken. Open vuur is alleen toegestaan bij de vuurplaats; barbecueën is toegestaan op uw eigen plek.

Oriëntatie: Bij de ingang vindt u een grote overzichtskaart. Het tentenveld ligt ten noorden van de speeltuin, de douches zijn aan de oostkant naast het hoofdgebouw. Als u naar het meer wilt, gaat u eerst naar het zuiden en daarna links richting het westen. Het wordt na 22.00 uur donker, dus gebruik een zaklamp of uw GPS. Blijf alstublieft op de paden.

  1. Wo liegt der Zeltbereich und wo sind die Duschen? Beschreibe den Weg zum See mit Himmelsrichtungen.

    (Waar ligt het tentenveld en waar zijn de douches? Beschrijf de route naar het meer met windrichtingen.)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

Ich bin gerade auf dem Campingplatz am Edersee angekommen und suche unseren Stellplatz. Das Zelt und die Taschen sind noch im Auto. Laut Karte liegt der Platz westlich der Rezeption, dann müssen wir ein Stück nach Norden. Mein GPS zeigt das deutlich. Wenn wir dort sind, bauen wir zuerst das Zelt auf. Heute Abend will ich mit meiner Tochter den Mond und ein paar Sterne beobachten, aber nur, wenn das Wetter klar bleibt.
(Ik ben net op de camping bij de Edersee aangekomen en zoek onze plek. De tent en de tassen zitten nog in de auto. Volgens de kaart ligt de plek ten westen van de receptie; daarna moeten we een stuk naar het noorden. Mijn gps geeft dat duidelijk aan. Als we daar zijn, zetten we eerst de tent op. Vanavond wil ik met mijn dochter naar de maan en een paar sterren kijken, maar alleen als het weer helder blijft.)
Waar Onwaar

(De spreker gebruikt kaart en gps om de plek te vinden.)

(De plek ligt ten oosten van de receptie en verder naar het zuiden.)

(Vanavond wil hij met zijn dochter bij helder weer de maan en de sterren bekijken.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Gestern ___ wir auf dem Campingplatz den klaren Stern und den Mond beobachtet, aber es war sehr kalt.

(Gisteren ___ we op de camping naar de heldere ster en de maan gekeken, maar het was erg koud.)

2. Letzte Woche ___ wir nachts die Sterne, dann fanden wir den Westen auf der Karte.

(Vorige week ___ we 's nachts naar de sterren; daarna vonden we het westen op de kaart.)

3. Am Abend ___ ich die Wegzeichen deutlich beobachtet, also sind wir nicht nach Süden gelaufen.

(In de avond ___ ik de wegwijzers goed bekeken, dus zijn we niet naar het zuiden gelopen.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

Ich nehme ... mit, weil ... / Zuerst ... und dann ... / Entweder ... oder ...

  1. Sie planen ein Wochenende auf einem Campingplatz in Deutschland: Was nehmen Sie mit und warum?
    U plant een weekend op een camping in Duitsland: wat neemt u mee en waarom?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Sie wollen vom Campingplatz eine Wanderung machen: Wie finden Sie den Weg (mit Karte oder GPS) und was machen Sie danach?
    U wilt vanaf de camping een wandeling maken: hoe vindt u de weg (met kaart of gps) en wat doet u daarna?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie


Hi! 😊 Ich bin schon auf dem Campingplatz am See. Wo bist du genau?

Ich stehe beim Eingang neben dem kleinen Kiosk. Wir können uns auch bei den Duschen treffen, aber dort ist es oft voll.

Kannst du mir kurz schreiben, wo du dein Zelt aufbauen willst? Laut Karte ist der ruhige Bereich nördlich. Wir können nachher den Mond und die Sterne beobachten.

LG
Hanna


Hi! 😊 Ik ben al op de camping bij het meer. Waar ben jij precies?

Ik sta bij de ingang naast het kleine kioskje. We kunnen elkaar ook bij de douches ontmoeten, maar daar is het vaak druk.

Kun je me kort schrijven waar je je tent wilt opzetten? Volgens de kaart is het rustige gedeelte noordelijk. We kunnen later de maan en de sterren kijken.

LG
Hanna


Nuttige zinnen:

  1. Ich bin gerade … und komme in … Minuten.

    (Ik ben nu … en ben er over … minuten.)

  2. Treffen wir uns am besten …, oder …?

    (Spreken we het beste af bij …, of bij …?)

  3. Wir gehen zuerst …, dann …

    (We gaan eerst …, daarna …)

Hi Hanna, ich bin noch beim Auto und komme in 10 Minuten. Treffen wir uns beim Eingang am Kiosk, dann gehen wir zusammen. Ich will mein Zelt im ruhigen Bereich nördlich aufbauen, also gehe ich nach dem Eingang zuerst nach Norden und dann ein Stück westlich. Bis gleich!

Hi Hanna, ik sta nog bij de auto en ben er over 10 minuten. Spreken we af bij de ingang bij het kioskje, dan lopen we samen. Ik wil mijn tent in het rustige gedeelte noordelijk opzetten, dus ga ik vanaf de ingang eerst naar het noorden en daarna een stukje naar het westen. Tot zo!