Afdelingen in het bedrijf
Afdelingen in het bedrijf

Afdelingen in het bedrijf

Abteilungen im Unternehmen


Welche verchiedenen Abteilungen gibt es im Unternehmen?
Welke verschillende afdelingen zijn er in het bedrijf?

Oefening 1: Taalonderdompeling

Instructie: Bekijk de video en beantwoord de bijbehorende vragen.

Woord Vertaling
Die Abteilungen De afdelingen
Die Mitarbeiter De medewerkers
Die Produktivität De productiviteit
Die Aufgaben De taken
Das Unternehmen Het bedrijf
Der Geschäftsführer De directeur
Der ausführende Betrieb Het uitvoerende bedrijf
Die Finanzen De financiën
Die Buchhaltung De boekhouding
Das Auslagern Het uitbesteden
Das Know-how De knowhow
Wenn du ein großes Unternehmen mit vielen Mitarbeitern hast, sind die Abteilungen klar und die Aufgaben gut verteilt. (Als je een groot bedrijf met veel medewerkers hebt, zijn de afdelingen duidelijk en zijn de taken goed verdeeld.)
Wenn du aber ein kleines Unternehmen mit wenigen Mitarbeitern hast, ist es oft nicht so klar. (Maar als je een klein bedrijf met weinig medewerkers hebt, is dat vaak minder duidelijk.)
Jeder macht ein bisschen von allem. (Iedereen doet een beetje van alles.)
Das kann die Produktivität verringern, weil ständig neue Aufgaben kommen. (Dat kan de productiviteit verlagen, omdat er voortdurend nieuwe taken bijkomen.)
Es ist schwer, sich auf das Wesentliche zu konzentrieren. (Het is moeilijk om je op het belangrijkste te concentreren.)
Außerdem ist es schwierig, neue Mitarbeiter einzustellen, weil man nicht weiß, wie man sie anleiten soll. (Bovendien is het lastig om nieuwe medewerkers aan te nemen, omdat je niet weet hoe je ze moet inwerken.)
Wenn du das Unternehmen von Anfang an in Abteilungen einteilst, kannst du deine Rolle klarer wählen. (Als je het bedrijf vanaf het begin in afdelingen indeelt, kun je je rol duidelijker bepalen.)
Du kannst entscheiden, ob du Geschäftsführer sein willst oder ob du andere Aufgaben übernimmst. (Je kunt beslissen of je directeur wilt zijn of dat je andere taken op je neemt.)

1. Warum kann die Produktivität in einem kleinen Unternehmen sinken?

(Waarom kan de productiviteit in een klein bedrijf dalen?)

2. Was ist oft schwierig, wenn die Aufgaben nicht klar verteilt sind?

(Wat is vaak moeilijk als de taken niet duidelijk verdeeld zijn?)

3. Was bringt es, ein Unternehmen von Anfang an in Abteilungen einzuteilen?

(Wat levert het op om een bedrijf vanaf het begin in afdelingen in te delen?)

Oefening 2: Dialoog

Instructie: Lees de dialoog en beantwoord de vragen.

Die Unternehmensstruktur

De bedrijfsstructuur
1. Jonas: Ich brauche deine Hilfe. Wie organisierst du die Aufgaben in deiner Firma? (Ik heb je hulp nodig. Hoe organiseer jij de taken in je bedrijf?)
2. Luisa: Ich habe die Abteilungen Produktion, Einkauf, Vertrieb, Finanzen und Personal. Jede Abteilung hat einen eigenen Leiter. (Ik heb de afdelingen productie, inkoop, verkoop, financiën en personeelszaken. Elke afdeling heeft een eigen afdelingshoofd.)
3. Jonas: Und wie verteilst du die Aufgaben innerhalb der Abteilungen? (En hoe verdeel je de taken binnen de afdelingen?)
4. Luisa: Der Leiter ist dann für die Organisation der Aufgaben zuständig. (Het afdelingshoofd is dan verantwoordelijk voor het organiseren van de taken.)
5. Jonas: Machst du alles selbst oder delegierst du auch an andere? (Doe je alles zelf of delegeer je ook aan anderen?)
6. Luisa: Ich delegiere viele Aufgaben, besonders die dringenden. (Ik delegeer veel taken, vooral de urgente.)
7. Jonas: Das ist klug. In meiner Firma erledigen die Mitarbeiter auch viel selbst. (Dat is slim. In mijn bedrijf doen de medewerkers ook veel zelf.)
8. Luisa: Ich bin aber auch weiterhin im Tagesgeschäft tätig, vor allem im Bereich Finanzen. (Maar ik ben ook nog steeds betrokken bij de dagelijkse gang van zaken, vooral op het gebied van financiën.)
9. Jonas: Spannend. Und stört das deine Rolle als Geschäftsführerin nicht? (Interessant. En botst dat niet met je rol als directeur?)
10. Luisa: Das System funktioniert gut, aber manchmal müssen wir Aufgaben ändern. (Het systeem werkt goed, maar soms moeten we taken aanpassen.)
11. Jonas: Das glaube ich. Ich konzentriere mich nur auf die Rolle der Geschäftsleitung. (Dat geloof ik. Ik concentreer me alleen op mijn rol in de directie.)

1. Welche Abteilungen nennt Luisa in ihrer Firma?

(Welke afdelingen noemt Luisa in haar bedrijf?)

2. Was macht Luisa neben ihrer Rolle als Geschäftsführerin noch?

(Wat doet Luisa naast haar rol als directeur nog?)