Beschreibe verschiedene Arten von Urlaub und Aktivitäten.
Diskutieren Sie die Verkehrsmittel, die benutzt werden, um Ihr Reiseziel zu erreichen.
Kennen Sie gängige Urlaubsziele in Ihrem Gastland.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Reizen in Duitsland
Twee toeristen ontmoeten elkaar in de trein en praten over hun reisplannen in Duitsland.
Grammatica: Vergelijkingen met „wie“ en „als“
De vergelijkende voegwoorden „wie" en „dan" worden gebruikt om gelijkheid/ongelijkheid uit te drukken.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!
Duits A2 basis: cursus op A2-niveau met audio
ISBN 979-13-88253-57-7
Deze app ondersteunt dit boek.