Praat over het dorp en het platteland.
Leer de namen van de boerderijdieren.
Leer over de bekendste landelijke gebieden van je gastland.
Woordenschat
Leer de belangrijkste woorden en werkwoorden die je voor deze les nodig hebt.
Activiteit: Bezoek het landschap
Een zoon wil vanuit Berlijn terug naar het platteland in Beieren verhuizen. Hij bespreekt de opties met zijn moeder.
Grammatica: Onpersoonlijk spreken met „man”
Met „man" doe je algemene uitspraken. Het wordt als een onbepaald onderwerp gebruikt en staat altijd met een werkwoord in de derde persoon enkelvoud.
Oefeningen
Pas in de praktijk toe wat je hebt geleerd.
In het klaslokaal
Spreken
Oefen spreken met je docent!