Deze les behandelt gezonde voeding en gewoonten in het Duits, met woorden als 'gesund' (gezond), 'Obst' (fruit), en 'Gemüse' (groenten). Leer hoe je een gesundes Mittagessen plant en über gesunde Gewohnheiten sprichst.
Woordenschat (12) Delen Gekopieerd!
Oefeningen Delen Gekopieerd!
Deze oefeningen kunnen tijdens conversatielessen samen gedaan worden of als huiswerk.
Übung 1: Gespreksoefening
Anleitung:
- Heb je ooit een dieet gevolgd of doe je dat nu? (Ben je ooit op dieet geweest of ben je dat nu?)
- Kijk je meestal naar de ingrediëntenlijst wanneer je voedsel in de supermarkt koopt? (Kijk je meestal naar de ingrediëntenlijst als je voedsel koopt in de supermarkt?)
- Zou je je eetgewoonten als gezond of juist ongezond beschrijven? (Zou je jouw eetgewoonten als gezond of eerder ongezond beschrijven?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Voorbeeldzinnen:
Ich habe noch nie eine Diät gemacht. Allerdings bin ich Vegetarier, daher esse ich kein Fleisch. Ik heb nog nooit eerder dieet gevolgd. Hoewel ik vegetariër ben, dus ik eet geen vlees. |
Ich habe in der Vergangenheit einige Diäten ausprobiert, aber sie haben mir nicht gefallen. Jetzt versuche ich, aktiver zu sein. Ik heb in het verleden enkele diëten geprobeerd, maar ik vond het niet leuk. Ik probeer nu actiever te zijn. |
Ich schaue mir immer die Zutaten an. Ich überprüfe den Zucker und das Salz in den Lebensmitteln. Ik kijk altijd naar de ingrediënten. Ik controleer de suiker en het zout in het eten. |
Ich ernähre mich meistens sehr gesund, aber manchmal esse ich etwas Schokolade. Ik eet meestal erg gezond, maar soms neem ik wat chocolade. |
Ich habe eine gute Balance zwischen ungesunder und gesunder Ernährung. Ik heb een goede balans tussen ongezond en gezond eten. |
Ich esse ziemlich ungesund. Ich werde bald eine Diät machen. Ik eet behoorlijk ongezond. Ik ga binnenkort op dieet. |
... |
Oefening 2: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Ich ____ mehr Obst und Gemüse essen, um mich ausgewogen zu ernähren.
(Ik ____ meer fruit en groenten eten om me evenwichtig te voeden.)2. Du ____ versuchen, auf fettige Snacks zu verzichten.
(Je ____ proberen vetrijke snacks te vermijden.)3. Wir ____ uns vegetarisch ernähren, um gesünder zu leben.
(We ____ vegetarisch moeten eten om gezonder te leven.)4. Letzte Woche ____ ich mehr Sport machen, habe es aber nicht geschafft.
(Vorige week ____ ik meer moeten sporten, maar het is me niet gelukt.)Oefening 4: Gezonde voeding en nieuwe gewoonten
Instructie:
Werkwoordschema's
Sollen - Sollen
Präsens
- ich soll
- du sollst
- er/sie/es soll
- wir sollen
- ihr sollt
- sie/Sie sollen
Sollen - Sollen
Präteritum
- ich sollte
- du solltest
- er/sie/es sollte
- wir sollten
- ihr solltet
- sie/Sie sollten
Grammatica Delen Gekopieerd!
We geven toe dat het niet het meest opwindende is, maar het is absoluut essentieel (en we beloven dat het zich zal terugbetalen)!
Zie je geen vooruitgang als je alleen studeert? Bestudeer dit materiaal met een gecertificeerde docent!
Wil je vandaag Duits oefenen? Dat kan! Neem vandaag nog contact op met een van onze docenten.
Gezonde voeding en gewoontes: een A2-leerlijn
In deze les leer je hoe je over gezonde eten en leefgewoontes kunt praten in het Duits. Het niveau is A2, wat betekent dat je al basiskennis van de taal hebt en nu leert om je mening en plannen over een belangrijk dagelijks onderwerp te geven.
Hoofdonderwerpen van deze les
- Gezonde lunch plannen: Je oefent gesprekken over wat je wilt eten en leert woorden zoals Salat (salade), Hähnchenbrust (kipfilet), gedünstetes Gemüse (gestoomde groenten) en Obst (fruit).
- Gezonde gewoontes in het dagelijks leven: Je bespreekt wat je doet om gezond te blijven. Belangrijke woorden zijn Wasser trinken (water drinken), Spazieren gehen (wandelen gaan), Süßigkeiten vermeiden (zoetigheid vermijden) en Sport machen (sporten).
- Een weekmenu plannen: Samen plan je een gevarieerd, gezond weekmenu. Uitdrukkingen en woorden zoals Linsensuppe (linzensoep), gebratener Fisch (gebakken vis), Gemüsepfanne (groentepannetje) en Quark (kwark) komen aan bod.
Belangrijke grammatica: het werkwoord „sollen”
Deze les richt zich ook op het gebruik van het modale werkwoord sollen, dat je gebruikt om adviezen, plichten of aanbevelingen uit te spreken. Je leert hoe je het vervoegt in de tegenwoordige tijd (Präsens) en verleden tijd (Präteritum):
- Ich soll, du sollst, er/sie/es soll, wir sollen, ihr sollt, sie/Sie sollen
- Ich sollte, du solltest, er/sie/es sollte, wir sollten, ihr solltet, sie/Sie sollten
Voorbeeldzinnen uit de les zijn: „Ich soll mehr Obst und Gemüse essen” en „Letzte Woche sollte ich mehr Sport machen”.
Handige woordenschat en uitdrukkingen
- Ernährung — voeding
- ausgewogen — gebalanceerd, evenwichtig
- vermeiden — vermijden
- gesünder leben — gezonder leven
- Wochenplan — weekplanning
Verschillen tussen Nederlands en Duits in deze context
In het Duits wordt bij het werkwoord „sollen” duidelijk onderscheid gemaakt tussen tegenwoordige tijd (soll, sollst, etc.) en verleden tijd (sollte, solltest, etc.). In het Nederlands gebruik je vaak de modale hulpwerkwoorden zoals „moeten” of „zouden moeten” voor soortgelijke betekenissen, maar de vervoegingen zijn minder uitgebreid dan in het Duits.
Daarnaast zijn sommige voedingswoorden in het Duits specifiek, zoals Quark (een soort verse kaas) die niet direct met één woord in het Nederlands vertaald wordt maar herkenbaar is voor wie met de Duitse keuken bekend is.
Enkele nuttige Duitse zinnen met hun Nederlandse equivalenten:
Ich soll mehr Obst essen. — Ik moet meer fruit eten.
Wir sollten zusammen Sport machen. — We zouden samen moeten sporten.
Das ist gesund und lecker. — Dat is gezond en lekker.