De negatieve imperatief: „Sprechen Sie bitte nicht!“

Der negative Imperativ: „Sprechen Sie bitte nicht!“


Der negative Imperativ zeigt, wie man im Deutschen direkt oder höflich sagt, dass jemand etwas nicht tun soll, z. B. „Mach das nicht!“ oder „Sprechen Sie bitte nicht!“.

(De negatieve imperatief laat zien hoe je in het Duits direct of beleefd zegt dat iemand iets niet moet doen, bijv. „Mach das nicht!“ of „Sprechen Sie bitte nicht!“.)

Negatieve imperatief: zo zeg je “doe dat niet”

In het Duits staat bij een bevel het werkwoord vooraan. Bij een negatief bevel zet je nicht meestal na het werkwoord.

Persoon Basispatroon Voorbeeld (correct)
du (jij) Verbstamm + nicht Sprich nicht so schnell.
ihr (jullie) Verbstamm + -t + nicht Diskutiert nicht so laut.
Sie (u) Infinitiv + Sie + nicht Unterbrechen Sie mich bitte nicht.

Stap voor stap: zo maak je de juiste vorm

  1. Kies de persoon: du / ihr / Sie.

  2. Zet het werkwoord in de imperatief:

    • du: neem de stam (vaak zonder -st). Bij veel werkwoorden is er een speciale vorm: sprechen → sprich, lesen → lies, geben → gib.

    • ihr: is praktisch hetzelfde als “ihr” in de tegenwoordige tijd: stam + -t (bijv. kommen → kommt).

    • Sie: gebruik de infinitief (bijv. unterbrechen, kommen).

  3. Zet niet: in het Duits staat nicht bij een bevel meestal na het werkwoord.

Woordvolgorde: waar komt nicht precies?

  • De vuistregel in deze les: Werkwoord eerst → daarna nicht.

  • Bij Sie staat het werkwoord ook vooraan, maar je zet Sie er direct achter.

Goed Waarom
Sprich nicht so schnell. Werkwoord vooraan, nicht erna.
Unterbrechen Sie mich bitte nicht. Infinitief + Sie + (object) + nicht.

Nicht sprich so schnell. is een typische fout: niet hoort hier niet op plek 1.

Let op bij “du”: de stam is niet altijd “regelmatig”

Bij sommige veelgebruikte werkwoorden verandert de vorm in de du-imperatief. Handig om als ‘vaste vormen’ te onthouden:

Infinitief du-imperatief Negatief voorbeeld
sprechen sprich Sprich nicht so laut.
lesen lies Lies nicht whrend des Meetings.
geben gib Gib mir bitte nicht zu viele Details.
nehmen nimm Nimm bitte nicht alles auf einmal.

“Bitte” en toon: direct, maar professioneel

  • Bitte kan vooraan of in het midden staan.

  • In zakelijke context klinkt Sie + bitte vaak het meest gepast.

Situatie Voorbeeld
collega (du) Bitte sprich nicht so schnell.
team (ihr) Diskutiert bitte nicht durcheinander.
klant/leidinggevende (Sie) Verschieben Sie den Termin bitte nicht.

Snelle zelfcheck (zonder nadenken kunnen)

  • Begint je zin met het werkwoord? (Sprich/Diskutiert/Unterbrechen)

  • Staat nicht na het werkwoord? (niet op plek 1)

  • Bij Sie: gebruik je echt de infinitief + Sie?

  • Bij du: klopt de (eventueel onregelmatige) imperatiefvorm? (sprich, niet sprech)

Person (Persoon)Form (Vorm)Beispiel (Voorbeeld)
Du (informell) (Jij (informeel))nicht + VerbstammSprich nicht so schnell im Meeting! (Spreek niet zo snel in de vergadering!)
Ihr (Plural) (Jullie (meervoud))nicht + Verbstamm + -tDiskutiert nicht zu laut im Büro! (Discussieer niet te luid op kantoor!)
Sie (formell) (U (formeel))Infinitiv + „Sie“ + nichtUnterbrechen Sie mich bitte nicht! (Onderbreek mij alstublieft niet!)

Oefening 1: Meerkeuze

Instructie: Kies het juiste antwoord

1. ___ bitte nicht so schnell, ich kann sonst keine Notizen machen.

___ alsjeblieft niet zo snel, anders kan ik geen aantekeningen maken.

2. ___ in der Präsentation bitte nicht durcheinander.

___ tijdens de presentatie alsjeblieft niet door elkaar.

3. ___ mich bitte nicht, ich erkläre zuerst den Vorschlag.

___ me alstublieft niet, ik leg eerst het voorstel uit.

4. ___ den Termin bitte nicht ohne Rücksprache.

___ de afspraak alstublieft niet zonder overleg.

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de grammaticaal juiste negatieve imperatief.

1.
Foute woordvolgorde: ‘niet’ mag niet vóór het imperatiefwerkwoord staan.
Foute imperatiefvorm voor ‘jij’; correct is ‘Spreek niet…’.
2.
Foute woordvolgorde: ‘alstublieft’ staat vóór ‘u’ – ongebruikelijk in het Nederlands.
Onnatuurlijke woordvolgorde: gebruikelijk is ‘Onderbreek mij alstublieft niet’, niet ‘alstublieft mij niet’.

Oefening 3: Herschrijf de zinnen

Instructie: Schrijf de zinnen als negatieve aansporing (imperatief) voor de persoon tussen haakjes: du → „niet + stam van het werkwoord“, ihr → „niet + stam van het werkwoord + -t“, Sie → „infinitief + Sie + niet“.

Vertaling tonen/verbergen Toon/verberg hints
  1. Du sprichst im Meeting zu schnell. (du)
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Sprich nicht so schnell im Meeting!
    (Praat niet zo snel in de vergadering!)
  2. Ihr macht in der Pause so viel Lärm im Flur. (ihr)
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Macht nicht so viel Lärm im Flur!
    (Maak niet zoveel lawaai op de gang!)
  3. Sie unterbrechen mich immer wieder. (Sie)
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Unterbrechen Sie mich bitte nicht!
    (Onderbreek mij alstublieft niet steeds!)
  4. Du telefonierst während der Präsentation. (du)
    ⇒ ______________________________________________________________________________________________________________ Voorbeeld
    Telefonier nicht während der Präsentation!
    (Bel niet tijdens de presentatie!)

Oefening 4: Grammatica in actie

Instructie: Speelt leidinggevende en team; spreek duidelijke regels voor de vergadering af.

Vertaling tonen/verbergen
Situatie
Im Meeting stören zwei Kolleg:innen die Präsentation und den Terminplan.
(In de meeting verstoren twee collega’s de presentatie en de planning van de afspraak.)

Bespreek
  • Welche Regeln sagt die Führungskraft, damit das Meeting ruhig bleibt? (Welke regels zegt de leidinggevende zodat de meeting rustig blijft?)
  • Was sollen die Kolleg:innen nicht tun und wie reagieren Sie darauf? (kurz erklären) (Wat mogen de collega’s niet doen en hoe reageert u daarop? (kort uitleggen))

Nuttige woorden en uitdrukkingen
  • Unterbrechen Sie mich bitte nicht. (Onderbreek me alstublieft niet.)
  • Sprich nicht so schnell, ich mache eine Notiz. (Praat niet zo snel, ik maak een notitie.)
  • Diskutiert nicht zu laut über den Termin. (Discussieer niet te luid over de afspraak.)

Gebruik in gesprek
  • Du: nicht + Verbstamm (Jij: niet + werkwoordstam)
  • Ihr: nicht + Verbstamm + -t (Jullie: niet + werkwoordstam + -t)
  • Sie: Infinitiv + Sie + nicht (U: infinitief + u + niet)

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Louis Fernando Hess

Bachelor of Science - Interculturele Business Psychologie

Hamm-Lippstadt University of Applied Sciences

University_Logo

Duitsland


Laatst bijgewerkt:

donderdag, 16/04/2026 04:29