Esercizio: Gespreksoefening
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
- A quale piano vive ciascuna persona? (Op welke verdieping woont elke persoon?)
- Vivi in un appartamento? A quale piano vivi? (Woon je in een appartement? Op welke verdieping woon je?)
Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten
Oefening: Schrijfopdracht (AI+)
Instructie: Schrijf 4 of 5 zinnen over een afspraak van jou (echt of denkbeeldig): vermeld de plaats, de verdieping of het nummer van de afspraak op de dag (eerste/tweede/laatste) en het tijdstip. (AI+)
Je correcties ophalen... Sluit deze pagina nog niet.
Nuttige uitdrukkingen:
Ho un appuntamento alle … / L’ufficio è al … piano. / Il mio appuntamento è il primo / secondo / ultimo della giornata. / Voglio arrivare puntuale.