Esercizio: Gespreksoefening

Istruzione:

  1. Di' cosa fanno le persone nella foto. (Zeg wat de mensen op de foto doen.)
  2. Dì il nome dei piatti nelle immagini. (Zeg de naam van de gerechten op de foto's.)
  3. Cosa mangi o bevi? (Wat eet of drink je?)

Richtlijnen tijdens het lesgeven +/- 10 minuten