Leer het gebruik van het Italiaanse werkwoord "piacere" om voorkeuren uit te drukken, met voorbeelden zoals "Mi piace il colore rosso" en "Non mi piacciono i pantaloni marroni." Ontdek hoe "piace" voor enkelvoud en "piacciono" voor meervoud wordt gebruikt.
  1. We gebruiken “piace” met een enkelvoudig zelfstandig naamwoord, en “piacciono” met meervoudige zelfstandige naamwoorden.
Espressione (Uitdrukking)Verbo (Werkwoord)Esempio (Voorbeeld)
Positiva (Positief)PiacereMi piace il colore rosso. (Ik vind de kleur rood leuk.)
Ti piace il tè verde. (Vind je de groene thee lekker.)
Mi piacciono i capelli biondi. (Ik houd van blond haar.)
Negativa (Negatief)Non piacereNon mi piace il vestito giallo. (Ik vind de gele jurk niet leuk.)
Non ti piace il colore blu. (Je houdt niet van blauw.)
Non mi piacciono i pantaloni marroni. (Ik vind de bruine broek niet leuk.)

Uitzonderingen!

  1. Het werkwoord “piacere” verandert afhankelijk van het zelfstandig naamwoord (enkelvoud of meervoud), niet van de persoon.

Oefening 1: Uso di “piacere”

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

piace, piacciono

1.
Non mi ... il colore arancione.
(Ik houd niet van de kleur oranje.)
2.
Ti ... i capelli castani?
(Vind je bruin haar leuk?)
3.
A lui non ... i pantaloni verdi.
(Hij houdt niet van de groene broeken.)
4.
"Ci ... la sedia rosa in cucina.
(We houden van de roze stoel in de keuken.)
5.
Ti ... il colore dei miei occhi?
(Vind je de kleur van mijn ogen mooi?)
6.
A loro ... il divano marrone.
(Ze vinden de bruine bank leuk.)
7.
A lei ... quel vestito nero.
(Ze vindt die zwarte jurk leuk.)
8.
Non mi ... le sedie rosse.
(Ik houd niet van de rode stoelen.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Mi ___ il vestito rosso.

(Ik ___ de rode jurk leuk.)

2. Ti ___ le scarpe verdi?

(Vind je ___ de groene schoenen leuk?)

3. Non mi ___ il colore blu.

(Ik vind de blauwe kleur niet ___.)

4. Mi ___ i pantaloni neri.

(Ik vind de zwarte broek ___.)

5. Ti ___ il cappello marrone?

(Vind je ___ de bruine hoed leuk?)

6. Non ti ___ gli occhiali gialli.

(Je vindt de gele bril niet ___.)

Gebruik van het werkwoord “piacere” in het Italiaans

In deze les leer je hoe je het Italiaanse werkwoord "piacere" gebruikt om te zeggen wat je leuk vindt. Dit is een veelgebruikt werkwoord dat letterlijk betekent "bevallen" of "plezier doen", maar in het dagelijks gebruik geef je ermee aan wat je leuk of prettig vindt.

Hoe “piacere” werkt

Het bijzondere aan "piacere" is dat de vervoeging afhangt van het voorwerp dat je leuk vindt en niet van de persoon die het leuk vindt. Dus in plaats van te zeggen wie iets leuk vindt, wordt het werkwoord afgestemd op het ding dat leuk wordt gevonden.

Singularis en pluralis

Je gebruikt "piace" bij een enkelvoudig zelfstandig naamwoord en "piacciono" bij meervoudige zelfstandige naamwoorden.

  • Mi piace il colore rosso. (Ik vind de kleur rood leuk.)
  • Ti piacciono le scarpe verdi? (Vind jij de groene schoenen leuk?)

Positieve en negatieve uitspraken

Je kunt "piacere" ook in de ontkennende vorm gebruiken om aan te geven wat je niet leuk vindt:

  • Non mi piace il vestito giallo. (Ik vind de gele jurk niet leuk.)
  • Non ti piacciono gli occhiali gialli. (Jij vindt de gele bril niet leuk.)

Belangrijke woorden en uitdrukkingen

  • Mi piace / Mi piacciono: "ik vind leuk" (enkelvoud / meervoud)
  • Ti piace / Ti piacciono: "jij vindt leuk" (enkelvoud / meervoud)
  • Non mi piace / Non mi piacciono: "ik vind niet leuk" (enkelvoud / meervoud)
  • Non ti piace / Non ti piacciono: "jij vindt niet leuk" (enkelvoud / meervoud)

Verschillen tussen Nederlands en Italiaans bij het uitdrukken van voorkeur

In het Nederlands zeggen we meestal direct wie iets leuk vindt, bijvoorbeeld "Ik vind de kleur rood leuk", waarbij het werkwoord overeenkomt met het onderwerp. In het Italiaans werkt dat anders: het werkwoord "piacere" wordt afgestemd op het object dat wordt gewaardeerd, en de persoon die het leuk vindt komt als indirect object voor. Dit kan soms verwarrend zijn voor Nederlandssprekers, omdat de constructie in feite van onderwerp en lijdend voorwerp wisselt.

Enkele nuttige vergelijkbare uitdrukkingen:

  • Mi piace = "Het bevalt mij" of vrij vertaald "Ik vind leuk"
  • Ti piace = "Het bevalt jou"
  • Non mi piace = "Het bevalt mij niet"

Let erop dat in het Italiaans het werkwoord wordt aangepast aan het woord waarover het gaat (singularis of pluralis), en niet aan de persoon die het woord waardeert, zoals in het Nederlands gebruikelijk is.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Fabio Pirioni

Bachelor in de geesteswetenschappen

University of Udine

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

donderdag, 17/07/2025 04:49