In deze les leer je de Italiaanse bezittelijke voornaamwoorden (aggettivi possessivi) zoals mio/mia (mijn), tuo/tua (jouw) en loro (hun), die het bezit aangeven en zich aanpassen aan geslacht en aantal van het zelfstandig naamwoord.
  1. Bezitelijke bijvoeglijke naamwoorden sluiten aan bij het geslacht en het getal van het zelfstandig naamwoord.
  2. Het lidwoord wordt vaak gebruikt: il mio libro.
Persona (Persoon)Singolare (Enkelvoud)Plurale (Meervoud)
Io (Ik)Mio/Mia (Mijn/Mi/j)Miei/Mie (Mijnen)
Tu (Jij)Tuo/Tua (Jouw)Tuoi/Tue (Jouw/Jullie)
Lui/Lei (Hij/Zij)Suo/Sua (Zijne/Hare)Suoi/Sue (Zijn/Haar)
Noi (Wij)Nostro/Nostra (Ons/Onze)Nostri/Nostre (Onze)
Voi (Jullie)Vostro/Vostra (Vostro/Vostra)Vostri/Vostre (Uw)
Loro (Loro)Loro (Loro)Loro (Loro)

Uitzonderingen!

  1. Bij enkelvoudige familieleden wordt het lidwoord weggelaten: mia madre.
  2. In sommige gevallen kan het bezittelijk bijvoeglijk naamwoord na het zelfstandig naamwoord komen: casa mia, amore mio!, colpa tua!.

Oefening 1: Gli aggettivi possessivi

Instructie: Vul het juiste woord in.

Toon vertaling Toon antwoorden

suo, i vostri, i suoi, mia, mio, la sua, Tua, nostra

1.
Come stanno ... genitori?
(Hoe gaan het met uw ouders?)
2.
Noi amiamo molto ... nonna.
(Wij houden heel veel van onze oma.)
3.
Come si chiama ... padre?
(Hoe heet uw vader?)
4.
... madre è molto simpatica.
(Jouw moeder is heel aardig.)
5.
Questa è ... sorella, si chiama Laura.
(Dit is mijn zus, ze heet Laura.)
6.
Luca adora ... famiglia.
(Luca houdt van zijn familie.)
7.
Lei va al cinema con ... cugini.
(Zij gaat naar de bioscoop met haar neven.)
8.
Questo è ... fratello minore.
(Dit is mijn jongere broer.)

Oefening 2: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. La ___ sorella ha due figli.

(Mijn ___ zus heeft twee kinderen.)

2. Il ___ padre è simpatico.

(Jouw ___ vader is aardig.)

3. Abbiamo visitato la casa ___ ieri.

(We hebben gisteren het huis ___ bezocht.)

4. I ___ figli vanno a scuola insieme.

(Hun ___ kinderen gaan samen naar school.)

5. Ho parlato con ___ madre stamattina.

(Ik heb vanmorgen met ___ moeder gesproken.)

6. Ti piace il libro ___?

(Vind je jouw ___ leuk?)

Overzicht van de les: Gli aggettivi possessivi

In deze les leer je de Italiaanse bezittelijke voornaamwoorden, ofwel aggettivi possessivi. Deze bijvoeglijke naamwoorden geven aan van wie iets is en passen zich aan aan het geslacht en het getal van het zelfstandig naamwoord waarop ze betrekking hebben.

Basisstructuur en gebruik

De bezittelijke voornaamwoorden worden meestal vergezeld door een lidwoord, bijvoorbeeld: il mio libro (mijn boek). Let op dat bij familieleden in het enkelvoud het lidwoord vaak wordt weggelaten, zoals in mia madre (mijn moeder).

Overzicht van de vormen

PersoonEnkelvoudMeervoud
Io (ik)mio/miamiei/mie
Tu (jij)tuo/tuatuoi/tue
Lui/Lei (hij/zij)suo/suasuoi/sue
Noi (wij)nostro/nostranostri/nostre
Voi (jullie)vostro/vostravostri/vostre
Loro (zij)loroloro

Speciale plaatsing

In sommige gevallen kan het bezittelijk bijvoeglijk naamwoord achter het zelfstandig naamwoord geplaatst worden, bijvoorbeeld in uitdrukkingen als casa mia (mijn huis), amore mio! (mijn lief!), en colpa tua! (jouw schuld!).

Verschillen en overeenkomsten met het Nederlands

Het Italiaanse bezit wordt meestal uitgedrukt met bijvoeglijke voornaamwoorden die overeenkomen in geslacht en getal met het zelfstandig naamwoord, terwijl het Nederlandse bezittelijk voornaamwoord onverzekerd is in deze gender- en getalvariaties (mijn huis vs. mijn huizen). Ook wordt in het Italiaans vaak het lidwoord toegevoegd, wat in het Nederlands meestal niet gebeurt: il mio libro is mijn boek in het Nederlands, zonder lidwoord.

Bovendien laat het Italiaans het lidwoord weg bij enkelvoudige familieleden: mia madre in plaats van la mia madre. In het Nederlands wordt altijd het bezittelijk voornaamwoord zonder lidwoord gebruikt.

Handige uitdrukkingen en woordenschat

  • Mio amico – Mijn vriend
  • La tua casa – Jouw huis
  • Suoi libri – Zijn/haar boeken
  • Nostro gatto – Onze kat
  • Vostro tempo – Jullie tijd
  • Casa mia – Mijn huis (uitdrukking)

Deze woorden en uitdrukkingen vormen de basis voor correct gebruik van Italiaanse bezittelijke voornaamwoorden en helpen je om eigendom op een natuurlijke manier aan te geven.

Geschreven door

Deze inhoud is ontworpen en beoordeeld door het coLanguage pedagogisch team. Over coLanguage

Profile Picture

Fabio Pirioni

Bachelor in de geesteswetenschappen

University of Udine

University_Logo

Laatst bijgewerkt:

vrijdag, 18/07/2025 07:16